Niet willen Leven of een Gebrek aan Verbinding?

Hieronder volgt een bijdrage van Christina, auteur van meerdere artikelen hier op Psychose Anders. Ook stelt zij van tijd tot tijd de nieuwsbrief ‘De Helende Geest’ samen. Je kunt contact met haar leggen via het tabblad Contact in het menu.

Deze week hoorde ik iemand die veel werkt met kankerpatiënten zeggen dat het grote verschil tussen mensen die kanker hebben en mensen die in de psychatrie zitten is, dat de eerste groep zo graag wil (over) leven terwijl de mensen in de psychiatrie niet willen leven. Hij zei dat hij dacht dat het veel moeilijker zou zijn te werken met mensen die niet willen leven.

De opmerking kZwaarden zeswam van iemand die zelf heel veel bezig is met spiritualiteit en in zijn werk met kankerpatiënten gebruik maakt van yoga, meditatie, gesprek en lichaamswerk.

Het is een veronderstelling die wel vaker wordt geuit. Mijn eigen gedachten hierover zijn heel anders.

Zelf ben ik meerdere jaren opgenomen geweest in de psychiatrie. Ik heb drie langdurige psychoses meegemaakt en jarenlang medicatie geslikt. Door me te verdiepen in ‘spiritualiteit’ (ik weet dat dit een breed en vaak ontoereikend woord is) ben ik uiteindelijk meer en meer bij mezelf gekomen en vond ik een innerlijke balans. Gaandeweg, als gevolg van dit proces, heb ik de psychiatrische medicatie afgebouwd, ik ben nu een aantal jaren vrijwel medicijnvrij.

Wanhopig

Natuurlijk kunnen we ons afvragen, in de eerste plaats, of het klopt dat mensen in de psychiatrie niet willen leven. Ik neem aan dat de spreker doelde op mensen met depressie of mensen die zelfmoordpogingen hebben gedaan. Nu zijn er nog heel wat meer redenen om met de psychiatrie in aanraking te komen (ik wilde zeggen ‘aanvaring’ maar dat is dan een Freudiaanse verspreking misschien!). Er zijn veel ‘stoornissen’ zoals de psychiatrie dat noemt, waarbij levensmoeheid niet meteen een rol speelt.

Bij psychotische- en persoonlijkheidsstoornissen en PTSS bijvoorbeeld is dat niet noodzakelijkerwijs het geval. Vaak wórdt men wel wanhopig zowel van wat men symptomen noemt als van de behandeling die wordt toegepast.

In mijn begrip gaat het er veel meer om dat mensen in de psychiatrie wel willen leven, maar zogezegd ‘niet weten hoe’ en zich voor zoveel problemen en obstakels geplaatst zien, in en buiten zichzelf, dat ze ‘het op willen geven’, het ‘niet meer zien zitten’. In zekere zin zou men kunnen zeggen dat zij gevangen zitten in hun eigen (negatieve) denken, een ‘onjuist’ gebruik van de mind’ (om het zo maar te noemen) en in het ervaren van een wereld zonder verbinding. Geen hoop meer zien.

Herstel van verbinding – met zichzelf, met anderen en met een ‘groter geheel’ zal in mijn ogen zonder enige twijfel een helend effect hebben.

Mijn indruk is dat veel mensen die zelfmoord overwegen, niet zozeer dood willen als wel niet meer weten hoe om te gaan met hun leven zoals het is. Zou het kunnen dat iemand zo vast kan zitten in zijn eigen gedachten en ervaringen, zijn eigen ‘hoofd’ en in omstandigheden, dat hij geen uitweg meer ziet? Is dat niet logischer dan te denken dat men dan ‘niet wil leven’?

Als wij kijken naar spiritualiteit, dan is het woord ‘verbinding’ daarin heel belangrijk. Je verbonden voelen… met jezelf, met andere mensen, met een groter geheel, met ‘het Al’ misschien wel. Een gebrek aan verbinding maakt wanhopig. Herstel van verbinding werkt helend.

Verbinding

In die zin is het jammer om een scheidslijn te trekken tussen ‘mensen met kanker’ en ‘mensen met “psychiatrische klachten”’. Scheiding in plaats van verbinding. Verbrokkeling in plaats van één geheel te zien.

Naar mijn idee verhult het trekken van een streep tussen de ene groep patiënten en de andere waar het om gaat, namelijk dat verbinding verbinding-behoudenhelend is, wat de ziekte, stoornis of het probleem ook is.

Er zijn veel verhalen van mensen die genazen van kanker, of als een voldaan mens stierven aan kanker waarbij een accent wordt gelegd op hoe de ziekte kanker de persoon ‘wakker schudt’. Doordat men geconfronteerd wordt met de dood, laat men oude gehechtheden en negatieve patronen los.

Men gaat zich afvragen wat nu écht belangrijk is. Men gaat heel bewust leven en genieten van de kleine dingen waar men voorheen gemakkelijk overheen stapte. Mensen gaan dingen rechtzetten en, soms, alleen nog maar doen waar men zich écht gelukkig bij voelt. Het schijnt dat deze ontwikkeling op zich ervoor kan zorgen dat mensen in een aantal gevallen – niet altijd – genezen. De geest is een zeer krachtig ‘instrument’ en wat we ermee doen maakt heel veel verschil voor hoe we ons voelen en wat er met en in ons gebeurt.

Laten we nu eens kijken naar iemand die in een psychose terecht komt, of een andere ernstige ‘psychiatrische stoornis’ heeft. Vaak heeft die persoon al heel veel moeilijkheden meegemaakt. In 80% van de gevallen van manisch depressiviteit en schizofrenie bijvoorbeeld, bleek uit onderzoek, zou sprake zijn van traumatische ervaringen in de jeugd. Door trauma door te maken als kind, leer je een aantal belangrijke vaardigheden, bijvoorbeeld communicatie en assertiviteit, niet goed aan. Dit kan in het latere leven veel ellende geven.

Tegen de tijd dat iemand in een psychose terecht komt, is er vaak een knelsituatie die de persoon tot het uiterste drijft. Denk aan bijvoorbeeld het verlies van een persoon of een baan. Aan andere omstandigheden die veel druk geven, de persoon in zekere zin ook dwingen om zich anders te gaan gedragen en anders naar de dingen te kijken.

”Alles kwijt raken”

Sean Blackwell spreekt van een ‘ego collapse’. Het ego, alles wat je altijd gelooft hebt over wie je bent en wat belangrijk is, klapt in elkaar. Het ego ‘sterft’ in zekere zin, loopt in elk geval enorme klappen op.

In de psychose is het alsof je psychisch ‘uit elkaar klapt’. De ‘naden begeven het’: Onverwerkte gevoelens exploderen, komen met kracht omhoog, vaak in de verwrongen vorm van hallucinaties en wanen. Het gedrag is voor anderen niet meer te volgen en kan ook gevaarlijk worden. De reactie van de psychiatrie is doorgaans zware medicatie en ook wel dwangbehandeling (opsluiten, vastbinden, platspuiten) toe te passen.

Dit mee te maken is op zich meestal weer traumatiserend. Ofwel – de persoon komt aan de grond te zitten. Soms zijn er ook sterke angsten en letterlijk het gevoel van dood te gaan.

Na een psychose volgt er vaak een diagnose, stigmatisering, en een besef dat je als ‘anders’ of afwijkend wordt gezien, vaak gaat de persoon dit ook zelf geloven. Kansen op werk, een stabiele situatie en gezondheid, carrière, kinderen, een relatie storten in, dit wordt in elk geval als perspectief vaak gegeven.

Het vinden van werk, het afmaken van een studie, een stabiele situatie en gezondheid, het opbouwen van een relatie en kinderen krijgen; de kansen op al deze zaken waar een jongvolwassene naar uitkijkt storten in. Ook als het niet feitelijk onmogelijk wordt, is dit vaak wel de voorspelling die je in de psychiatrie te horen krijgt; werk en een partner vinden, kinderen krijgen zou moeilijk zo niet onmogelijk zijn met zo’n ‘psychiatrische ziekte’.

Kortom… zowel de persoon die in de psychiatrie wordt opgenomen als iemand die de diagnose kanker krijgt, wordt ‘met de dood geconfronteerd’. De ‘psychiatrisch patiënt’ gaat niet letterlijk dood (tenzij door zelfdoding of een ongeluk). Maar het gevoel dat alles wat men kende in één klap uit beeld verdwijnt, en de moeite om daarna nog een plek te vinden, de wanhoop en ontreddering zijn evenzeer enorm.

Dit alles dwingt de persoon vaak, om een nieuw perspectief te ontwikkelen. Men laat oude denkbeelden los en moet zich opnieuw oriënteren. Heel vaak lukt dat niet, of maar heel moeizaam, en het kan vele jaren kosten. Intussen wordt de gezondheid en vitaliteit van de persoon vaak sterk gehinderd door medicatie die afstompt en het lichaam aantast.

will to liveHier is dus eerder sprake van een overeenkomst, dan van verschil tussen de twee groepen. Centraal staat een ervaring van ‘alles kwijt raken’, en niet meer verder kunnen zoals men gewend was.

In beide gevallen zou hulpverlening die zich richt op ‘verbinding’ en die gebruik maakt van lichaamswerk, yoga, meditatie en gesprek zeer helend kunnen werken. De yoga, het boeddhisme en ook andere (mystieke) stromingen houden zich al vele eeuwen lang bezig met de geest en de vraag hoe die te kalmeren en te openen voor – tja, verbinding.

Zulke ‘methoden’ of stromingen kunnen een helende invloed uitoefenen of men nu kampt met lichamelijke of geestelijke ‘ziekte’. Men zou kunnen stellen dat het begin van genezing altijd ligt in de eigen geest. Verbinding  is helend. Verbinding met jezelf, met je kern, met je eigen lichaam, met andere mensen, met ‘levenskracht’; voor wie daarvoor open staat, een hogere macht. Wat het probleem ook is.

Ervaringen van Manon

Hieronder volgt een verslag van de ervaringen van Manon rondom haar twee psychotische periodes. In het verhaal schrijft Manon over een ontmoeting met mij die leidde tot een nieuwe psychotische episode. Natuurlijk is het niet mijn bedoeling mensen een nieuwe psychose in te praten. In dit geval reageerde Manon heftig en zelfs even verliefd op mijn vrij hartelijke benadering. Zo kan Psychose Anders niet alleen een geestelijke benadering, maar ook een hartelijke zijn. In een volgend artikel zal ik verder stilstaan bij de mogelijkheid dat het opeens opengaan van je hart ook nogal wat aanpassingen vergt van je systeem. In het geval van Manon heb ik er het volste vertrouwen in dat het helingsproces soms even een extra kortdurende psychose kan vereisen, maar dat een open hart beter in staat is een nieuwe balans te scheppen. (Joost).

Ik haatte het om van 9 tot 5 op een kantoor te moeten zitten. Ik ging alles analyseren wat er fout was gegaan, om te beginnen met de scheiding van mijn ouders. Vervolgens ging ik mijn opa’s en oma’s analyseren om te concluderen dat het leed van generatie op generatie was doorgegeven. En ik was nu op een focaal punt van leed beland, dat ik het niet meer verdragen kon. Mijn ouders gedroegen zich onmogelijk naar mij toe, en mijn zusje zat tijdelijk in het buitenland.

Ik besloot kunstenares te worden. Ik moest alleen nog het juiste medium vinden. En mijn hart zong van levenslust. Ik ging op zoek naar God en vond antwoorden in de natuurkunde. Ik kreeg het inzicht dat het om liefde en muziek draait. Ik moest de wereld helen, en om te beginnen mijn familie. Ik steeg verder op, en ervoer een eenheid met het universum die niet te beschrijven is. Ik voelde een onmetelijke liefde, ik was alles.

music-love-heart-notes

Muziek en Liefde (afkomstig van 1)

Maar als ik alles was, was ik niets. Ik was niets. Ik tuimelde in de diepste van alle hellen. Het was verschrikkelijk. De crisisdienst werd gebeld, en op dit punt wilde ik – uit mezelf – dolgraag opgenomen worden. Alleen mocht dit niet. Wel kreeg ik oxazepam mee. Een paar dagen later kreeg ik een psychiater-in-opleiding te spreken die ronduit bot tegen mij was. Hij wilde niks horen van het verdriet dat ik om mijn familie had, en ik ben huilend uit dat gesprek weggelopen. Het werd me al snel duidelijk dat de ggz mij niet helpen kon, omdat deze niet open stond voor mijn gevoel. Uiteindelijk werd door de ggz een identiteitscrisis vastgesteld (april/mei 2011). Maar ik voelde mij gewoon niet goed in mijn hoofd.

Toen ik 9 maanden later op een dag in de Albert Heijn achter de kassa aan het werk was, kwam er een vrouw voor me staan, met een blik zo ontzettend kil dat het leek alsof ik vanbinnen vernietigd werd. En toen kaatste ik een beeld terug van een hart dat door de hel was gegaan. Vervolgens gebeurde er een aantal dingen, het voelde alsof er een stroom van liefde op gang kwam. Er had zich een grote vreugde van mij meester gemaakt. Ik liep ’s avonds laat naar Y en brak met een schop door de ruit van zijn deur.

De volgende dag: Y kwam thuis, vriendinnen erbij geroepen. Ze vonden me niet voor rede vatbaar. Maar ik vond hun redenen gewoon stompzinnig en dom. Op een gegeven moment waren mijn ouders en zusje er ook. Sterf!, zei ik tegen hen. Ik bedoelde daarmee de manier waarop ze zich op dat moment tegenover mij gedroegen. Maar dit begrepen ze natuurlijk niet. De crisisdienst kwam, ik had me helemaal overgegeven. Het lijkt net een hemelvaart, zei ik tegen de ambulancebroeder.

4.0.1

Een productie van Toni Carmine Salerno – zie (2) voor herkomst afbeelding

Ik heb me een tijdlang compleet veilig en tevreden gevoeld in een overgave aan een hogere, goede macht. Dat gevoel bleef, terwijl mijn dosis Zyprexa door een zeer onsympathieke psychiater werd opgevoerd. Ik wist niet hoe te weigeren, dus speelde ik de ‘brave patient’ en ging er maar in mee. Tot ik instortte door een te hoge dosis Zyprexa. Toen veranderde mijn staat van overgave in een staat van vechten.   Ik ging stiekem, als dat lukte, mijn Zyprexa uitspugen. Na zo’n 6 weken kwam ik uit de kliniek, en zodra ik was gaan samenwonen met een patient die ik in de kliniek had ontmoet, ben ik cold turkey gestopt met de Zyprexa. Ik deed gewoon wat mijn hart me ingaf.

Na een maand werd mijn stemming wat wiebelig, ik begon te huilen , en mijn vriend zei dat ik toch manisch depressief was. Dat was de diagnose die de ggz had gesteld. Achteraf gezien zijn het waarschijnlijk gewoon afkickeffecten geweest. Die diagnose heeft veel verpest, en ik heb me er zolang machteloos over gevoeld dat ik dit opgespeld kreeg. In ieder geval, toen ben ik weer begonnen met de Zyprexa. Onder een volgende psychiater ben ik gestopt met de Zyprexa, maar in plaats daarvan moest ik aan de lithium. Daar had ik niet zo veel last van.

Alleen kreeg ik in december 2012 weer een psychose. Het was de dag van de overgang naar het nieuwe tijdperk van de Maya’s en dat dacht ik te voelen. Het laatste wat ik weet is dat ik als een soort heilige in de kamer stond, en het volgende moment lig ik met mijn armen op mijn rug en een mannetje of 6 bovenop me, in de isoleercel.

Toen ik op de afdeling kwam, heb ik van een andere patiënt geleerd dat je medicatie weigeren kunt, dat wist ik helemaal niet, en toen heb ik de antipsychotica geweigerd. De lithium wel gewoon ingenomen. Helaas voelde ik mij na een nacht niet slapen zo ellendig, dat ik mij genoodzaakt voelde toch om de Seroquel te vragen. Dus uit eigen beweging weer met antipsychotica begonnen.

Door die opname ben ik heel boos geworden op mijn psychiater, dat ik nooit mijn verhaal had mogen vertellen, maar dat de diagnose en (gebrek aan) behandeling alleen maar op verhalen van anderen waren gebaseerd. Resultaat was dat ik iets mocht vertellen, maar hij stond helemaal niet open voor de spirituele aspecten van mijn verhaal. Ik kreeg de diagnose schizoaffectief in plaats van bipolair. Over de loop van de volgende maanden werd er met mij geëxperimenteerd met diverse antipsychotica.

In half december ben ik tenslotte in contact gekomen met Joost van Psychose Anders én heb ik besloten om één pilletje Fluanxol minder te slikken. Vervolgens heeft een gesprek met Joost begin januari er voor gezorgd dat er een hoop verse liefdesenergie vrij kwam en dit heeft weer voor een soort van ‘psychose’ gezorgd. Maar ik zou het eerder iets helends noemen.

Ouders en psychiater natuurlijk weer helemaal geflipt en op een veel hogere dosis Fluanxol gezet. Die ik natuurlijk heel netjes inneem…;). Ik heb ook aardig boos gedaan tegenover ouders en psychiater dat ik nooit over mijn gevoelens heb mogen praten. Resultaat is wel dat ik een andere psychiater ga zoeken. Ik hoop dat bij een nieuwe psychiater of andere behandelaar er wel degelijk aandacht is voor de rol van mijn familie in het ontstaan van mijn ‘psychiatrisch ziektebeeld’. Want in mijn ogen is de druk van mijn familie cruciaal geweest en daar zou ik graag erkenning voor krijgen. We’ll see… Ondertussen geniet ik gewoon van dit helingsproces. Het is fascinerend om mee te mogen maken. Kortom, Universum bedankt!

NOTEN

(1) http://www.layoutsparks.com/pictures/music-21

(2) http://www.quanta.ca/QuantaCat/images/TSPR170.jpg

Kraambedpsychose: geven nieuwe inzichten antwoord op oude vragen?

Hieronder volgt een artikel van Roos, die zelf ook een kraambedpsychose heeft meegemaakt. Zij is ook via de contactpagina te bereiken.

‘Overweldigend, de meest mooie en bijzondere gebeurtenis van mijn leven’. Woorden schieten tekort om het gevoel te beschrijven dat er door je heen gaat als je pasgeboren baby na de bevalling voor het eerst in je armen ligt. Dit is voor iedere ouder zo’n ongelofelijk bijzonder, ontroerend en emotioneel moment. Als kersverse moeder is alles in je erop gericht om zo goed mogelijk voor dit nieuwe schepseltje te zorgen en het te omringen met liefde. Toch kan dit ontsporen, zoals bij een kraambedpsychose het geval is.

Uit persoonlijk archief

Uit persoonlijk archief Roos

De moeder verliest dan de grip op zichzelf en haar omgeving. Dit kan er in het meest ernstige geval zelfs toe leiden dat de moeder in zo’n vreemde bewustzijnstoestand verkeerd dat ze niet meer weet wat ze doet en zichzelf of haar kind iets aandoet. De vraag is, hoe kan dit gebeuren? Welke processen spelen hierbij een rol? Hoe kan een gezonde vrouw tijdens de kraamtijd plotseling zo ‘ziek’ worden?

In het Erasmus MC in Rotterdam wordt al ruime tijd onderzoek gedaan naar kraambedpsychosen. Zij zoeken de oorzaak in een ‘ontstoken brein¹’, veroorzaakt door een verstoorde immunologische reactie. Op de website van het Erasmus² wordt in een persbericht heel stellig beweerd dat een ontregeld immuunsysteem een kraambedpsychose triggert. In het artikel³ waar het persbericht naar verwijst is er meer nuance en wordt het genoemd als mogelijke hypothese. De onderzoekers vergeleken vrouwen met een kraambedpsychose met gezonde vrouwen en met gezonde vrouwen die pas bevallen waren.

Bij vrouwen met een kraambedpsychose vonden ze afwijkingen in de gen-expressie van een bepaald type afweercel (monocyten). Simpel gezegd: bij alle zwangere vrouwen staat het immuunsysteem anders afgesteld om ervoor te zorgen dat ze hun baby niet afstoten. Na de bevalling wordt het immuunsysteem weer ‘gerest’ naar de oorspronkelijke toestand. De hypothese is dat er bij een kraambedpsychose iets mis gaat in het ‘resetten’ van het immuunsysteem waardoor het immuunsysteem allerlei ‘ziekmakende’ processen in gang zet in de hersenen die op hun beurt leiden tot een kraambedpsychose.

Als ervaringsdeskundig leek (nou ja, niet helemaal ‘leek’, ik werk zelf ook in het wetenschappelijk onderzoek binnen de psychologie) vind ik het moeilijk om de afwijkingen in monocyten te interpreteren en al helemaal om de link te leggen naar hersenfuncties en neurotransmitters. Neurotransmitters zijn stoffen in de hersenen die betrokken zijn bij de signaaloverdracht tussen zenuwcellen en waarvan verondersteld wordt dat deze ontregeld zijn bij een psychose. De link tussen het immuunsysteem en de verschillende processen in de hersenen wordt nog niet gelegd in het artikel en is misschien meer iets voor toekomstig wetenschappelijk onderzoek.

Toch is dit wel nodig om tot een dieper inzicht te komen over hoe verstoringen in het immuunsysteem zouden kunnen leiden tot verstoringen in de hersenen, die op hun beurt weer zouden kunnen leiden tot een kraambedpsychose. Hier spelen nogal wat aannames. Zo is de relatie tussen hersenen en geest niet 1 op 1: verstoringen in de hersenen leiden niet altijd tot ernstige afwijkingen in het denken en handelen en ernstig afwijkend denken/handelen is lang niet altijd herleidbaar tot afwijkingen in de hersenen.

Daarnaast hoeft de relatie tussen hersenen en geest niet causaal te zijn (of eraan gelijk te staan, als in ‘wij zijn ons brein’). Dit model (causaal: hersenen veroorzaken geest of gelijk: geest is niets meer dan hersenprocessen) is dan wel gangbaar in de in de medische wetenschappen maar er zijn er ook andere relaties denkbaar, zoals beeldend uitgedrukt in de metafoor van de pianist (geest) die de piano (de hersenen) bespeelt.⁴

Hersenen - afbeelding afkomstig van (11)

Hersenen – afbeelding afkomstig van (10)

Het feit dat het immuunsysteem vaker ontregeld is bij vrouwen met een kraambedpsychose is op zichzelf heel interessant. Toch gaat het te ver om dan te veronderstellen dat een kraambedpsychose dus wordt veroorzaakt door verstoringen in het immuunsysteem na de bevalling of dat dit het laatste zetje is voor vrouwen met een genetische kwetsbaarheid voor een kraambedpsychose. Het verklaart bijvoorbeeld niet waarom een kraambedpsychose vaker voorkomt bij vrouwen na hun eerste bevalling en minder vaak bij vrouwen na een tweede of derde bevalling.

Ook is er een geval gerapporteerd waarbij een vader wordt beschreven met een kraambedpsychose, waarbij het ‘resetten’ van het immuunsysteem medisch gezien geen enkele rol kan hebben gespeeld⁵. Daarnaast is het belangrijk om te vermelden dat niet iedere vrouw met een kraambedpsychose ook daadwerkelijk afwijkingen in het immuunsysteem heeft. Verder kan het verband tussen het immuunsysteem en een kraambedpsychose natuurlijk ook andersom zijn.

Een kraambedpsychose roept zo veel stress op dat dit leidt tot een ontregeld immuunsysteem. Het eerste symptoom van een kraambedpsychose is ernstig verstoorde slaap. Slaap heeft zelf ook een groot effect op het immuunsysteem en op de genexpressie⁶. Dit maakt de relatie tussen slaap en een kraambedpsychose ingewikkeld: het is onduidelijk of verstoorde slaap een oorzaak kan zijn van een kraambedpsychose of dat slaap het eerste symptoom is van een ‘ziekmakend’ proces dat al aan de gang is (zie Sharma & Mazmanian, 2003 voor een review⁷ over dit onderwerp). Kortom, de relaties tussen alle verschillende processen zijn nog verre van duidelijk.

Ik kan zelf natuurlijk niet letterlijk in mijn eigen hoofd kijken, maar weet wel wat er in mijn eigen geest gebeurde toen ik zelf een kraambedpsychose had. Ik heb dit beschreven in een ervaringsverhaal⁸ op de website van Karin den Oudsten⁹. Karin heeft een heel mooie en goed leesbare website gemaakt voor alle vrouwen die dit hebben meegemaakt, hun omgeving en andere geïnteresseerden. Zo kunnen zij ervaringen delen en duidelijke informatie lezen over het ziektebeeld.

Boven de Box - uit persoonlijk archief Roos

Boven de Box – uit persoonlijk archief Roos

Op die manier haalt zij het fenomeen kraambedpsychose uit de taboesfeer en brengt het op een eerlijke, openhartige en goede manier onder de aandacht: het kan immers iedereen overkomen. Ieder verhaal is dan ook weer uniek, en iedere vrouw geeft ook weer een andere betekenis aan wat in de eigen beleving de oorzaak was voor de kraambedpsychose. De ene vrouw wijt het aan hormonen of meer recent aan het immuunsysteem, de ander misschien aan een zeer zware bevalling, het weinig steun ervaren, de overweldigende ervaring van een geboorte en het enorme moedergevoel van verantwoordelijkheid voor zo’n klein schepseltje.

Wat betreft verklaringen haakt Karin op haar website vooral aan bij het onderzoek van het Erasmus. Op dit moment doet het Erasmus dan ook onderzoek hiernaar dat internationaal toonaangevend is. Ik blijf het zelf ook volgen, zij het met een wat kritischere blik.

Uiteraard heb ik zelf ook mijn een eigen hypothese. Ik denk dat je na een bevalling heel erg ‘open’ staat om alle signalen van je pasgeboren kindje in je op te nemen en je geestelijk en lichamelijk geheel af te stemmen op je pasgeboren baby. Dit is een normaal, mooi en gezond proces, maar kent een keerzijde. Je bent als het ware veel ‘gevoeliger’ voor allerlei signalen, je ziet, ruikt, proeft, hoort dingen die je anders niet zou waarnemen; je aandacht is enorm verscherpt.

Dit is een soort hyper-alerte toestand die evolutionair natuurlijk belangrijk was om de veiligheid van de pasgeboren en kwetsbare baby te waarborgen. Deze toestand kan ontsporen door slaapgebrek. Dit slaapgebrek maakt je dan ook nog eens extra labiel en emotioneel. Toch ‘mag’ je aandacht niet verslappen omdat je de zorg hebt voor een kwetsbare baby. Dit leidt ertoe dat je niet meer echt tot rust kan komen. Je bent dus wel moe, maar door je enorme moederinstinct pep je jezelf steeds zo enorm op dat je dat niet voelt.

De vicieuze cirkel van slaapgebrek en hyperalert zijn kan dan tot een psychotische ontregeling leiden (kraambedpsychose) waarin je de grip verliest op jezelf en je omgeving. En daarin zullen het immuunsysteem, de hormonen en de genen vast een rol spelen en interacteren. En daarnaast hebben natuurlijk ook de omgeving en achtergrond van de moeder een effect op het beloop van een kraambedpsychose. We weten een klein beetje meer, maar echte antwoorden hebben we nog niet.

Voetnoten

  1. Het ontstoken brein, uitzending van Labyrinth, 7-11-2012 [link].
  2. Archief persberichten Erasmus [link].
  3. Bergink, V., Burgerhout, K., Weigelt, K., Pop, V. J., de Wit, et al (2013). Immune system dysregulation in first-onset postpartum psychosis. Biological Psychiatry, 73, 10000-10007 [link].
  4. Engelstalig Youtube filmpje over ‘the materialist and the mind’ [link]. Zie ook Hoe de Geest zich via de Hersenen Verruimt 
  5. Shahani, L. (2012). A father with postpartum psychosis (2012). BMJ Case Reports, doi: 10.1136/bcr.11.2011.5176 [link].
  6. Moller-Levet, C. S., Archer, S. N., Bucca, G., Laing, E. E., Slak, A., et al (2013). Effects of insufficient sleep on circadian rhythmicity and expression amplitude of the human blood transcriptome. PNAS, 110, 1132-1141 [link].
  7. Sharma, V., & Mazmanian, D. (2003). Sleep loss and postpartum psychosis. Bipolar Disorders, 5, 98-105 [link].
  8. Ervaringsverhaal ‘voor haar eigen veiligheid’ [link].
  9. Zie www.kraambedpsychose.nl
  10. Herkomst afbeelding: http://www.sterrenstof.info/uit-de-oude-doos-zielloze-hersenen/

Enkele Gedachten over de Verhullende Term ‘Stemmingsstabilisator’

Zoals wel duidelijk moge zijn bij het lezen van artikelen op deze site is de keuze voor het gebruik van bepaalde woorden van groot belang. Aanzienlijke krachten spelen een rol die ons vooral willen aansporen om te denken in termen van biologische afwijkingen en lichamelijke ziekten, terwijl termen als levensproblemen, verdriet, eenzaamheid, gevoel van falen, tijdelijke verwarring, zielspijn wellicht een veel realistischer verklaringskader bieden.

Zie voor herkomst afbeelding (1)

Oefenen met Balans – zie voor herkomst afbeelding (1)

Het is dan ook van belang om alert te zijn op allerlei manieren waarop mensen die het soms moeilijk hebben met al de uitdagingen van het leven – wie heeft dat niet af en toe? – worden gemanipuleerd om te gaan denken dat er sprake is van biologische oorzaken. Biologische oorzaken impliceren immers ook biologische remedies, zoals chemische preparaten die we eufemistisch aanduiden als medicijnen.

Wat me de laatste tijd opvalt is het groeiende gebruik van de term ‘stemmingsstabilisator‘. Zojuist verwees bijvoorbeeld een bezoeker van deze site, Jolanda, naar lamotrigine als stemmingsstabilisator (1). Laatst hoorde ik iemand spreken over het gebruik van een stemmingsstabilisator voor iemand die agressief was geworden.

Bij de term ‘stemmingsstabilisator’ krijg ik bijna een vriendelijke glimlach op mijn gezicht. Het roept bij mij haast warme associaties op met een liefdevolle wetenschappelijke basis. Als een moeder die haar kind even een extra knuffel geeft als ze het even moeilijk heeft.

De lievige associatie bij de term ‘stemmingsstabilisator’ lijkt haast te verhullen dat we hier toch gewoon ook te maken hebben met heftige middelen. Neem nu Jolanda’s tip ‘lamotrigine’: dat is eigenlijk vooral een middel tegen epileptische aanvallen (3). Stemmingsstabilisatoren tegen agressie zijn vaak gewoon heftige kalmeringsmiddelen, of antipsychotica.

Vanwege deze relatief prettige associatie bij het woord ‘stemmingsstabilisator’ loopt de term het risico om gebruikt te gaan worden bij vele medicijnen die invloed uitoefenen op de stemming. Zo zou je zowel antipsychotica, antidepressiva, anti-epileptica, angstremmers en kalmeringsmiddelen kunnen zien als een soort van stemmingsstabilisator: je stemming kan er immers wat neutraler en wat stabieler door worden.  Ik zou er dan toch vooral de voorkeur aan geven om zorgvuldiger met deze term om te springen en deze zeker niet te gemakkelijk te generaliseren.

Daarnaast zou ik mensen die  de gewoonte hebben opgebouwd om heftige stemmingswisselingen te hebben vooral willen aanmoedigen om technieken te leren waarbij ze met hun geest hun hersenen op een helende manier kunnen masseren (5). Laten we hopen dat we naar een tijd groeien waarin mensen vooral associaties krijgen als ‘achterhaalde chemische middelen uit het biopsychiatrische tijdperk‘ bij de term ‘stemmingsstabilisator’.

NOTEN
(1) http://home.scarlet.be/~stefanv2/ned_agility.htm
(2) http://psychoseanders.wordpress.com/2012/03/21/afbouwen-en-botsing-met-lithiumprotocol/#comment-2213
(3) http://www.fk.cvz.nl/Preparaatteksten/L/lamotrigine.asp
(4) http://mens-en-gezondheid.infonu.nl/diversen/49007-stemmingsstabilisatoren.html
(5) Zie bijvoorbeeld: Rick Hansons Boeddha’s Brein: hoe mindfulness je hersens en je leven kan veranderen.

“U geschiede naar uw geloof”- De Kracht van Overtuigingen

Hieronder volgt een bijdrage van Christina over haar eigen persoonlijke ervaringen.

Als ik denk over de psychiatrie en de ervaringen die ik ermee opdeed – inmiddels beslaan die meer ruim twee decennia – dan komt een stukje uit een lied van Frank Boeijen (1) door mijn hoofd spelen:

“Geloof ze niet, geloof ze niet….”

De rest van het liedje gaat over iets heel anders, onder andere over ‘kunnen wij geen vrienden zijn’. Ik weet al een hele tijd dat ik ‘geen vrienden kan zijn’ met de diagnoses die de psychatrie over mij uitsprak.

conviction 5

Wat je gelooft, over jezelf, over anderen, over het leven, is  van enorm belang. De kracht van de geest en wat die gelooft is heel groot. Dat is althans mijn gedachte erover. En niet alleen de mijne. In het boek ‘Een Cursus In Wonderen’ staat iets als: ‘Je zult zien wat je gelooft en het is je gegeven te veranderen wat je gelooft’.

Ik ben ergens in mijn jeugd, door hoe ik bejegend werd, gaan denken ‘ik zal wel gek zijn’. Ik werd zo veel tegengesproken en ontkend in wat ik voelde en dacht en zei, dat ik de conclusie trok dat er iets mis moest zijn met mijn vermogen de werkelijkheid te kennen. Nu is dat precies wat men zegt over psychoses: de persoon is het contact met de werkelijkheid kwijt.’

Lang voordat ik psychotisch werd had ik dus al dit idee van ‘ik moet wel gek zijn’. Ik denk dat het wit is en mijn omgeving houdt vol dat het zwart is. Tja. Omdat je als kind en jongere niet bij machte bent hier uit te komen, is een onbewuste conclusie: “Ik zal wel gek zijn”.

Veel later kwam ik dus het idee tegen dat je wáár maakt wat je gelooft (bv over jezelf). Ik ben dus ‘netjes’ psychotisch geworden. Mijn geloof ‘ik ben gek’ heb ik waargemaakt.

In mijn vele gesprekken met anderen die psychoses ervoeren, kwam ik dit thema vaker tegen: men maakt zeer verwarrende situaties mee als kind en gaat dan onbewust twijfelen aan het eigen vermogen om de werkelijkheid te kennen. Denk bijvoorbeeld aan een meisje dat incest meemaakt, maar de dader houdt later strak vol dat het ‘nooit gebeurd is’. Opgroeiend concludeert deze vrouw onbewust ‘wat ik denk dat ik heb meegemaakt, klopt niet, er is iets mis met mijn waarneming’.

De gedachte “ik zal wel gek zijn” zet zich vast en op een gegeven moment, in een heel moeilijke situatie, zou deze zich wel eens waar kunnen maken. ‘U geschiede naar uw geloof’.

conviction 3

Het is maar goed dat ik later andere dingen ben gaan geloven. Op een gegeven moment – na omzwervingen zoals jarenlang psychiatrische medicijnen slikken, me laten vertellen dat ik een manisch depressieve stoornis had, enzovoorts – kwam ik in aanraking met een spirituele leer die mij hielp om het anders te gaan zien.

Ik ging meedoen aan een groepje dat deze leer bestudeerde en begon, in feite met skepsis en ‘voor de lol’ de ideëen/begrippen uit het boek zo goed en zo kwaad als het ging uit te testen door toe te passen. Mijn idee was meer ‘’stel nou dat het eens waar zou zijn’ dan dat ik er al bij voorbaat vast in geloofde. Ik vond het eigenlijk maar gekke principes maar aangezien ik in zekere zin niet veel beters had om mee bezig te zijn, ging ik ermee spelen.

Eén van de ideëen in die leer die mij het meest trof was ‘er is een bron van Vrede in ons waar we steeds naar kunnen terugkeren’. Vanuit nieuwsgierigheid ging ik dan maar, in situaties van stress op zoek naar die innerlijke vrede.
En’verdomd’. Ik vónd ‘m vaak ook nog.

Ik herinner me heel sterk een moment dat ik in de auto zat bij iemand. Een bekend patroon herhaalde zich: er werden opmerkingen gemaakt die ik helemaal niet kon waarderen en ik wist uit eerdere situaties dat als ik er tegen in zou gaan, het waarschijnlijk met ruzie en in elk geval met een rotgevoel zou eindigen.

Op dat moment moest ik even denken aan wat ik gelezen had: ‘er is een innerlijke vrede in ons’. Ik dacht ‘oh ja???’, maar maakte contact met mijn hart en ging ernaar op zoek: kan ik nu, hierbij, ook vredig blijven. Toen voelde ik een soort innerlijke rust en merkte dat ik geen behoefte had te antwoorden op de opmerkingen. Korte tijd later kwam er nog wel een reactie bij me op die ik toen rustig kon uitspreken en die niet tot stekeligheden of verdere onenigheid leidde. Ik had een groot gevoel van triomf: “Het werkt! Ik kan dit soort situaties doorstaan zónder in de nesten te raken!”

Dit moedigde me aan om deze ‘tactiek’ te blijven gebruiken en oefenen.

Gaandeweg voltrokken zich allerlei veranderingen in mijn leven. Ten goede. Ik verzoende me met mijn familie na decennia van conflict. Ik ging gezonder eten en viel heel veel af. Ik durfde zomaar weer een opleiding te beginnen. Ik ging voor grote groepen mensen voordrachten houden. Allemaal dingen die ik niet verwacht had; ik was toch die beperkte, defecte persoon met een gaatje pardon ziek brein in haar hoofd? Die nooit innerlijk evenwicht kon hebben maar steeds risico liep op nieuwe psychoses, manische fasen, depressies? Hmm…

man climb red arrow. Isolated 3D image

Mijn overtuiging  ‘ik moet wel gek zijn’  had gaandeweg, zonder dat ik me er concreet bewust van was, plaatsgemaakt voor een ander geloof. Iets als ‘er is een kracht groter dan ik die het goede voor mij wil’ – dus waarom zou ik dan niét genezen? Ondanks dat men me had gezegd dat dat niet kón en dat ik levenslang pillen zou moeten slikken.

Ook mijn overtuiging dat ik ondanks medicijngebruik toch, ook mijn leven lang, beducht zou moeten zijn voor nieuwe ‘ziekte-episodes’ werd vervangen. Had ik voordien geloofd dat ik geen innerlijk evenwicht bezat, als ‘manisch depressieveling’ niet kón bezitten, mijn ervaring bewees me dat ik heel wat meer innerlijke rust en evenwicht kon ontwikkelen dan ik ooit voor mogelijk had gehouden. Op den duur zag ik mezelf ook niet meer als een ‘manisch depressief persoon’. Maar als mens-met-innerlijke-vrede!

Op een gegeven moment dacht ik – voelde ik, zou ik kunnen zeggen – dat ik de medicatie niet meer zo nodig had. Het was niet zo dat ik er per se van af wilde. Ik had gewoon niet het idee dat ze nog iets voor mij deden. Ik heb ze sindsdien dan ook afgebouwd, heel langzaam, over een periode van meerdere jaren, afgaand op mijn gevoel. (Een verhaal op zich.)

In zekere zin ‘geloof ik het zelf niet’. En toch geloof ik het wel. Ik kan er niet onderuit, in elk geval: vanaf het moment dat mijn overtuigingen wijzigden,wijzigden zich ook mijn leven en omstandigheden. Later heb ik hier veel meer over geleerd en ook een methode leren toepassen (op mezelf en anderen) waarmee je heel bewust je overtuigingen kunt onderzoeken en wijzigen.

Kijkend naar mijn eigen ervaringen, dan zegt dit alles mij dat de ‘kracht van de geest’ veel groter is dan men zo aanneemt, bijvoorbeeld in de reguliere hulpverlening. Dus als men je zegt dat je ziek bent, een ‘stoornis’ hebt, en dat je medicatie en gesprekken nodig hebt en, nou ja, ‘gek bent’ – geloof ze niet…  Geloof ze niet!

Leer je eigen innerlijke rust te vinden, je eigen kompas te volgen.

NOOT
(1) http://www.youtube.com/watch?v=kQw6K9XaHPM

Christina maakte enige tijd deel uit van het kernteam van PsychoseAnders en schreef diverse artikelen voor deze site.  Ze maakte drie langdurige psychoses door, slikte zo’n twintig jaar lang psychiatrische medicijnen en bracht drie jaar door met opgenomen zijn.

Inmiddels is ze al lange tijd ‘symptoomvrij’ en ook sinds een paar jaar ‘medicijnvrij’, in tegenstelling tot wat haar in de psychiatrie voorspeld werd. Haar uitgangspunt is dat het heel goed mogelijk is om innerlijke rust op te bouwen, waardoor psychiatrisch medicijngebruik mogelijk op den duur kan worden afgebouwd.

Ze schrijft een nieuwsbrief die te lezen is op de site http://dehelendegeest.wordpress.com/ en biedt telefonisch ondersteuning aan mensen die een psychiatrische diagnose kregen maar op zoek zijn naar een andere kijk op zichzelf.

 

Een Hersenreinigingsritueel

Laatst was ik in gesprek met iemand via deze site, en we hadden het over psychoses en de rol van degene die een diagnose stelt op het verdere verloop van iemands proces. Al pratend kwamen we tot de conclusie dat het ergens ook wel iets misdadigs heeft om mensen die in een kwetsbare fase in hun leven verkeren, te vertellen dat ze een ernstige ziekte in hun hersenen hebben, terwijl ze toch echt geen hersenscan hebben gemaakt, en er echt geen psychiatrische tumor kon worden gevonden in een of andere hersenkwab.

Heb ik een aantoonbare hersenstoornis of niet? (1)

Heb ik een aantoonbare hersenstoornis of niet? (1)

Op deze site zijn er inmiddels vele artikelen geschreven die vanuit allerlei perspectieven vraagtekens plaatsen bij het gebruik van de medische ziekteterminologie voor mensen die worstelen met de problemen en uitdagingen die het leven met zich kan meebrengen. Als er in werkelijkheid eigenlijk helemaal geen bewijs is dat iemand met een bipolaire stoornis, schizofrenie of een ernstige depressie, aanwijsbare zieke hersenen heeft, dan openen zich nieuwe mogelijkheden.

Dan is er namelijk eerder sprake van het ‘idee‘ dat er iets mis is met de hersenen, een soort metafoor die haast werkelijk wordt gemaakt door hulpverleners, familie, vrienden en uiteindelijk ook door de betrokken persoon zelf, die er zich zelfs psychiatrisch hersenstoornispatiënt door kan gaan voelen. Zo komt een idee, of een metafoor, als het ware tot leven en gaat de betrokken persoon ook daadwerkelijk het idee voeden dat er iets grondig mis is in zijn of haar hersenen.

Dit geloof, of misschien moeten we het wel een vloek noemen, wordt versterkt door medische woorden als medicatiegebruik, diagnoses, verpleegkundigen, artsen, ziekenhuizen, ziektekosten, ziekte-uitleg folders, declaraties, ziektewet, patiëntenverenigingen etc. Je moet dan wel van sterke huize komen om dit hele complex aan ‘Je hebt een hersenziekte‘-boodschappen naast je neer te kunnen leggen. Zeker als je dan ook nog rare dingen voelt en denkt, waarvan je niet goed weet hoe je daar mee moet omgaan.

DE VLOEK HERKENNEN EN DE TWIJFEL TOELATEN

Het goede nieuws is echter dat, ook al zeggen duizenden mensen dat je een hersenziekte hebt, dat daardoor nog altijd niet werkelijk een hersenziekte kan ontstaan. Het maximaal werkelijke is het idee, het geloof in een mysterieuze hersenziekte. En het mooie van een idee of een geloof is, dat het het te veranderen is. Goed, je kunt je voorstellen dat het een stuk lastiger is om een bepaald idee te veranderen als je er al vele tientallen jaren in gelooft, en je het volledig geïntegreerd hebt in je zelfbeeld, dan als je twijfelt aan het geloof, of er slechts een paar jaar of nog korter in gelooft.

Hoe het ook zij, in principe is ieder geloof te wijzigen, alleen ben je daar zelf hoofdverantwoordelijk voor. Durf je namelijk twijfel toe te laten of je wel wérkelijk zieke hersenen hebt? Zou het niet kunnen dat je een of andere hersenstoornis bent aangepraat, terwijl je misschien eerder tijdelijk even  ‘gek’ of ‘geflipt’ bent omdat het allemaal even teveel voor je is geworden. Dat er teveel dingen gebeurden die te pijnlijk, onprettig of raar waren, waardoor je even de controle bent kwijtgeraakt?

Wellicht is het dan wel vrij normaal dat je hersenen overuren gaan draaien, maar dat wil dan niet zeggen dat dat dan ook meteen een uiting is van gestoorde, zieke hersenen. Misschien is het wel een vrij normale reactie op ernstige stress.

Joel Rea (2)

Joel Rea (2)

DE VLOEK VERWIJDEREN

Voor degenen die zich openstellen voor de mogelijkheid dat hun psychiatrische ‘ziekte’ eigenlijk vooral een ‘idee‘ is, en niet veel meer dan dat, wil ik een hersenreinigingsritueel voorstellen. Via een denkbeeldige visualisatie, die ik hieronder beschrijf,  kun je werken aan het verwijderen van dat idee van een hersenziekte in je hoofd. En als eenmaal dat idee is verwijderd, het geloof is verwijderd, is ook de vloek uit je systeem en ontstaat er ruimte om op een liefdevolle wijze, en misschien met een glimlach in het reine te komen met de werkelijke pijn die ten grondslag lag aan het lijden.

De visualisatie is op een vrij korte wijze beschreven. Voel je vrij om ze verder uit te breiden met ademhalingsoefeningen, andere visualisaties, mindfulness elementen etc. Het gaat vooral om de kernhandelingen voor je te zien en te beleven. Wees je bewust van alle gevoelens die optreden in de verschillende fases van de visualisatie. Als het je niet lukt om het algemene beeld voor je te zien, zou je visualisatie kunnen inspreken (met je smartphone ofzo).

HERSENREINIGINGSVISUALISATIE 1

Ga op een comfortabele plek zitten, met losse, comfortabele kleren en neem je voor dat je iets moois gaat ervaren. Sluit je ogen en richt je aandacht eerst op je ademhaling en streef naar een aangename diepe en volle ademhaling. Stel je voor dat je verandering inademt, en starheid uitademt. Laat een gevoel van vrede in je komen, en doe net alsof je een glimlach voelt ontstaan op je gezicht.

Nu beweeg je – in gedachten of in werkelijkheid – met beide handen naar je hartstreek toe, waarbij je kleine cirkels draait. Terwijl je dat doet voel je dat je hart verandert in een liefdevolle, oneindige bron van liefdeszeep. Met deze zeep, zeep je handen in, op zo’n manier dat je ziet dat het flink schuimt, wees niet te zuinig en overdrijf met de hoeveelheid reinigende zeep die op je handen zit, laat het vele centimeters dik zijn. Zie ook de nodige zeepbellen in de lucht zweven.

Vervolgens beweeg je met je door je eigen liefde ingezeepte handen naar je hoofd. Je plaatst nu eerst je handen aan de zijkanten van je hoofd en vervolgens stel je je voor dat je je hersenen uit-rekt, zoals je een foto op een smartphone kunt uitrekken, en beweeg die dan voor je gezicht, waardoor je je eigen hersenen voor je ziet, maak ze ongeveer 1 meter in breedte. Je houdt ze met beide handen vast en je observeert je hersenen.

Op een gegeven moment merk je op dat er allerlei zwarte plekken zijn, op en in je hersenen. Je kunt dwars door je hersenen heenkijken: die zwarte plekken zijn de plekken waar de fantasie, of het geloof, het idee of de vloek rondom je hersenziekte zit. Je ziet ze en je kijkt er glimlachend naar en je verbaast je erover dat je er zo in geloofd hebt. Vervolgens worden je liefdevolle handen doorzichtig waardoor je je ook door je eigen hersenen kunt heenbewegen. Je gaat dan naar al die plekken waar het zwart is, en je begint te wrijven en te poetsen, en al snel zie je dat de plekken verdwijnen.

Neem er de tijd voor en zie hoe de zwarte plekken uit je hersenen worden schoongemaakt en ruimte maken voor fris naar citroen en lavendel ruikende hersenen die blinken zoals ze nog nooit hebben geblonken. Kijk er naar en voel wat het met je doet. Neem er de tijd voor, en breng je hersenen ook even naar je mond om ze te zoenen. Je mag ze ook een knuffel geven. Het is tijd om je hersenen weer lief te hebben. De vloek heb je verwijderd.

Zodra je het gevoel hebt dat je het zuiveringsritueel hebt afgerond, plaats je je hersenen weer op hun plek in je schedel, streel je nog wat over je hoofd, je glimlacht nog wat, en vervolgens ga je met je handen weer naar je hartstreek. Je maakt nog enkele rustige cirkels en sluit dan af met de woorden: “Ik houd van mezelf en ik heb mijn schone hersenen lief”.

Omarm de tranen die helend willen vloeien, om alle viezigheid weg te spoelen.

Omarm de tranen die helend willen vloeien, om alle viezigheid weg te spoelen (1).

AFRONDING

Graag hoor ik van mensen die deze visualisatie hebben uitgevoerd wat het bij hen heeft opgeleverd. Er zijn natuurlijk vele variaties denkbaar waarbij er reinigingsrituelen kunnen worden uitgevoerd met betrekking tot je hersenen. Ik kan je aanraden er de tijd voor te nemen, en ook niet te forceren als je al in een vroeg stadium emotioneel mocht worden. Het vrijkomen van de psychiatrisch vloek kan tot een emotionele wolkbreuk leiden. Laat je er niet door afschrikken, en geniet vooral van alles wat vrij mag komen.

VOETNOTEN
(1) Schilderij van Igor Morski - http://artforyourwallpaper.blogspot.nl/2013/01/surreal-art-igor-morski.html of op zijn eigen site: http://www.igor.morski.pl/
(2) http://scene360.com/main_news/8651/dogs-in-the-sky/#.UZ83Mz7QVLt

Is er ook een ‘Depressie Anders’-benadering?

INTRODUCTIE

Vandaag las ik de onderstaande reactie van Denkertje die me aanzette een wat uitgebreidere reactie te schrijven. Die reactie groeide spontaan uit tot een artikelwaardig stukje dat je nu aan het lezen bent. Hieronder volgt eerst de vraag van Denkertje en vervolgens mijn reactie hierop. Natuurlijk hoor ik ook graag andere gedachten hierover en heb ik het wellicht wat erg ‘Depressie Anders‘-gezegd. Maar goed, we zijn hier ook niet om alleen maar lief voor elkaar te zijn, nietwaar?

Ik heb al meer dan 20 jaar last van depressies en ben nu gediagnosticeerd als hebbende een depressieve persoonlijkheidsstoornis. Ik vraag me af of hiervoor ook een dergelijke aanpak bestaat.

Rafal Olbinksi, afkomstig van Youtube (1)

Rafal Olbinksi, afkomstig van Youtube (1)

WAT IS EEN DEPRESSIE WERKELIJK?

Beste Denkertje, ik heb nog nooit gehoord van een depressieve persoonlijkheidsstoornis. Volgens mij zijn er acht persoonlijkheidsstoornissen terug te vinden in DSM IV, en daar zit geen depressieve persoonlijkheidsstoornis bij. Persoonlijkheidsstoornissen worden gediagnostiseerd op wat ze schaal 2 van de DSM-diagnose noemen. Een depressie hoort op As I thuis, zoals ook schizofrenie en Manisch-depressiviteit. Misschien is het een nieuwe persoonlijkheidsstoornis die met de komst van DSM V is geïntroduceerd, maar dat lijkt me sterk.

Maar goed, waarschijnlijk doel je op de as I diagnose Depressie (geen persoonlijkheidsstoornis, whatever that may be), en gaat je vraag over of er ook een soort ‘Depressie Anders’-benadering zou kunnen zijn. Ik denk het wel degelijk. Ook hierbij zijn er de volgende zaken van belang: geloof diep van binnen dat je niet een ernstige ongeneeslijke hersenaandoening hebt (en dat geloof is er waarschijnlijk diep ingeramd de laatste decennia); als je hersenen dan nu verder OK zijn, wordt het zaak om de ingesleten gewoontes en patronen aan te pakken, waarbij je op zoek gaat naar de oorzaken voor dat soort ‘depressieve denkgewoontes’ – waar zijn ze ooit goed voor geweest?

Verder geldt hier natuurlijk ook weer dat het voor iedereen weer net allemaal weer wat anders is: ieders leven is anders, en iedereen ontwikkelt zo zijn eigen manieren om met tegenslagen, levensuitdagingen, problemen en dergelijke om te gaan: de een gaat aan de spuit, de alchohol of gaat gekke dingen zien, en anderen keren helemaal in zichzelf en geven de moed op en lijden dan een grauw bestaan om zichzelf te straffen of als excuus om verder niets meer te hoeven doen, of omdat ze echt geen idee hebben wat ze anders zouden kunnen denken, doen of voelen. Soms wil je ook gewoon lijden omdat je zoveel verdrietige ervaringen achter de rug hebt.

Goed, Denkertje, ik chargeer en overdrijf natuurlijk, maar net zoals bij Psychose Anders, is het logische gevolg van het niet accepteren van een vage psychiatrische hersenziekte, dat er andere oorzaken zijn, en hoe onprettig en ongewenst het ook moge klinken, daar heb je zelf de hoofdverantwoordelijkheid voor: zoals je depressieve gedachten kunt scheppen en iedere dag kunt versterken totdat je zo depressief bent dat je nog te passief of lui bent om voor een trein te springen, zo kun je ook proberen nieuwe gedachten binnen te laten komen die de stroom van je gedachten een nieuwe bedding kunnen laten vormen.

Diep ingesleten gewoontepatronen vormen een diepe bedding, waardoor het een grotere klus is om een creatievere nieuwere gedachtenbedding te scheppen, maar ik geloof erin dat hier uiteindelijk de oplossing ligt. Je dient de verantwoordelijkheid voor waar je je geest mee wilt voeden, serieuzer te nemen. Als je het wilt vergiftigen met allerlei donkere gedachten, dan is dat je keus. Wil je het verrijken met dingen die de lol, de nieuwsgierigheid of levenszin weer laten terugkeren dan heeft dat sterke effecten. Verder geloof ik in de twee grootste helende krachten die er zijn in deze wereld: liefde en humor.

Succes,
Joost

VOETNOOT
(1) http://www.youtube.com/watch?v=ydnmE3C_94s

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.

Doe mee met 216 andere volgers