Ervaringen van Manon

Hieronder volgt een verslag van de ervaringen van Manon rondom haar twee psychotische periodes. In het verhaal schrijft Manon over een ontmoeting met mij die leidde tot een nieuwe psychotische episode. Natuurlijk is het niet mijn bedoeling mensen een nieuwe psychose in te praten. In dit geval reageerde Manon heftig en zelfs even verliefd op mijn vrij hartelijke benadering. Zo kan Psychose Anders niet alleen een geestelijke benadering, maar ook een hartelijke zijn. In een volgend artikel zal ik verder stilstaan bij de mogelijkheid dat het opeens opengaan van je hart ook nogal wat aanpassingen vergt van je systeem. In het geval van Manon heb ik er het volste vertrouwen in dat het helingsproces soms even een extra kortdurende psychose kan vereisen, maar dat een open hart beter in staat is een nieuwe balans te scheppen. (Joost).

Ik haatte het om van 9 tot 5 op een kantoor te moeten zitten. Ik ging alles analyseren wat er fout was gegaan, om te beginnen met de scheiding van mijn ouders. Vervolgens ging ik mijn opa’s en oma’s analyseren om te concluderen dat het leed van generatie op generatie was doorgegeven. En ik was nu op een focaal punt van leed beland, dat ik het niet meer verdragen kon. Mijn ouders gedroegen zich onmogelijk naar mij toe, en mijn zusje zat tijdelijk in het buitenland.

Ik besloot kunstenares te worden. Ik moest alleen nog het juiste medium vinden. En mijn hart zong van levenslust. Ik ging op zoek naar God en vond antwoorden in de natuurkunde. Ik kreeg het inzicht dat het om liefde en muziek draait. Ik moest de wereld helen, en om te beginnen mijn familie. Ik steeg verder op, en ervoer een eenheid met het universum die niet te beschrijven is. Ik voelde een onmetelijke liefde, ik was alles.

music-love-heart-notes

Muziek en Liefde (afkomstig van 1)

Maar als ik alles was, was ik niets. Ik was niets. Ik tuimelde in de diepste van alle hellen. Het was verschrikkelijk. De crisisdienst werd gebeld, en op dit punt wilde ik – uit mezelf – dolgraag opgenomen worden. Alleen mocht dit niet. Wel kreeg ik oxazepam mee. Een paar dagen later kreeg ik een psychiater-in-opleiding te spreken die ronduit bot tegen mij was. Hij wilde niks horen van het verdriet dat ik om mijn familie had, en ik ben huilend uit dat gesprek weggelopen. Het werd me al snel duidelijk dat de ggz mij niet helpen kon, omdat deze niet open stond voor mijn gevoel. Uiteindelijk werd door de ggz een identiteitscrisis vastgesteld (april/mei 2011). Maar ik voelde mij gewoon niet goed in mijn hoofd.

Toen ik 9 maanden later op een dag in de Albert Heijn achter de kassa aan het werk was, kwam er een vrouw voor me staan, met een blik zo ontzettend kil dat het leek alsof ik vanbinnen vernietigd werd. En toen kaatste ik een beeld terug van een hart dat door de hel was gegaan. Vervolgens gebeurde er een aantal dingen, het voelde alsof er een stroom van liefde op gang kwam. Er had zich een grote vreugde van mij meester gemaakt. Ik liep ’s avonds laat naar Y en brak met een schop door de ruit van zijn deur.

De volgende dag: Y kwam thuis, vriendinnen erbij geroepen. Ze vonden me niet voor rede vatbaar. Maar ik vond hun redenen gewoon stompzinnig en dom. Op een gegeven moment waren mijn ouders en zusje er ook. Sterf!, zei ik tegen hen. Ik bedoelde daarmee de manier waarop ze zich op dat moment tegenover mij gedroegen. Maar dit begrepen ze natuurlijk niet. De crisisdienst kwam, ik had me helemaal overgegeven. Het lijkt net een hemelvaart, zei ik tegen de ambulancebroeder.

4.0.1

Een productie van Toni Carmine Salerno – zie (2) voor herkomst afbeelding

Ik heb me een tijdlang compleet veilig en tevreden gevoeld in een overgave aan een hogere, goede macht. Dat gevoel bleef, terwijl mijn dosis Zyprexa door een zeer onsympathieke psychiater werd opgevoerd. Ik wist niet hoe te weigeren, dus speelde ik de ‘brave patient’ en ging er maar in mee. Tot ik instortte door een te hoge dosis Zyprexa. Toen veranderde mijn staat van overgave in een staat van vechten.   Ik ging stiekem, als dat lukte, mijn Zyprexa uitspugen. Na zo’n 6 weken kwam ik uit de kliniek, en zodra ik was gaan samenwonen met een patient die ik in de kliniek had ontmoet, ben ik cold turkey gestopt met de Zyprexa. Ik deed gewoon wat mijn hart me ingaf.

Na een maand werd mijn stemming wat wiebelig, ik begon te huilen , en mijn vriend zei dat ik toch manisch depressief was. Dat was de diagnose die de ggz had gesteld. Achteraf gezien zijn het waarschijnlijk gewoon afkickeffecten geweest. Die diagnose heeft veel verpest, en ik heb me er zolang machteloos over gevoeld dat ik dit opgespeld kreeg. In ieder geval, toen ben ik weer begonnen met de Zyprexa. Onder een volgende psychiater ben ik gestopt met de Zyprexa, maar in plaats daarvan moest ik aan de lithium. Daar had ik niet zo veel last van.

Alleen kreeg ik in december 2012 weer een psychose. Het was de dag van de overgang naar het nieuwe tijdperk van de Maya’s en dat dacht ik te voelen. Het laatste wat ik weet is dat ik als een soort heilige in de kamer stond, en het volgende moment lig ik met mijn armen op mijn rug en een mannetje of 6 bovenop me, in de isoleercel.

Toen ik op de afdeling kwam, heb ik van een andere patiënt geleerd dat je medicatie weigeren kunt, dat wist ik helemaal niet, en toen heb ik de antipsychotica geweigerd. De lithium wel gewoon ingenomen. Helaas voelde ik mij na een nacht niet slapen zo ellendig, dat ik mij genoodzaakt voelde toch om de Seroquel te vragen. Dus uit eigen beweging weer met antipsychotica begonnen.

Door die opname ben ik heel boos geworden op mijn psychiater, dat ik nooit mijn verhaal had mogen vertellen, maar dat de diagnose en (gebrek aan) behandeling alleen maar op verhalen van anderen waren gebaseerd. Resultaat was dat ik iets mocht vertellen, maar hij stond helemaal niet open voor de spirituele aspecten van mijn verhaal. Ik kreeg de diagnose schizoaffectief in plaats van bipolair. Over de loop van de volgende maanden werd er met mij geëxperimenteerd met diverse antipsychotica.

In half december ben ik tenslotte in contact gekomen met Joost van Psychose Anders én heb ik besloten om één pilletje Fluanxol minder te slikken. Vervolgens heeft een gesprek met Joost begin januari er voor gezorgd dat er een hoop verse liefdesenergie vrij kwam en dit heeft weer voor een soort van ‘psychose’ gezorgd. Maar ik zou het eerder iets helends noemen.

Ouders en psychiater natuurlijk weer helemaal geflipt en op een veel hogere dosis Fluanxol gezet. Die ik natuurlijk heel netjes inneem…;). Ik heb ook aardig boos gedaan tegenover ouders en psychiater dat ik nooit over mijn gevoelens heb mogen praten. Resultaat is wel dat ik een andere psychiater ga zoeken. Ik hoop dat bij een nieuwe psychiater of andere behandelaar er wel degelijk aandacht is voor de rol van mijn familie in het ontstaan van mijn ‘psychiatrisch ziektebeeld’. Want in mijn ogen is de druk van mijn familie cruciaal geweest en daar zou ik graag erkenning voor krijgen. We’ll see… Ondertussen geniet ik gewoon van dit helingsproces. Het is fascinerend om mee te mogen maken. Kortom, Universum bedankt!

NOTEN

(1) http://www.layoutsparks.com/pictures/music-21

(2) http://www.quanta.ca/QuantaCat/images/TSPR170.jpg

Advertenties

Je Medicijnen kunnen je Probleem Zijn: Beslis Zelf

Hier volgt een vertaling uit het boek van P.R. Breggin (M.D.) en David Cohen (phD) ‘Your Drug May be your Problem‘. Het betreft de pagina’s 138-139 van de paragraaf: Beslis voor jezelf. Met hartelijke dank aan Sharon voor deze bijdrage.

BESLIS VOOR JEZELF

Ervoor kiezen om van psychiatrische medicijnen af te komen, zou je eigen, persoonlijke beslissing moeten zijn. Het zou niet wijs zijn om iemand anders voor jou te laten beslissen of je drugs in zou nemen of zou stoppen ze in te nemen.

Meningen over de bruikbaarheid van drugs variëren behoorlijk. Zoals de lezer inmiddels weet, geloven wij dat medicijnen innemen om emotionele, psychologische en sociale problemen op te lossen in het beste geval een misleidende, tijdelijke en oppervlakkige oplossing is.

Maar andere mensen geloven dat deze drugs erg behulpzaam zijn, zelfs levensreddend, en sommige anderen kunnen zich niet echt voorstellen ooit zonder te kunnen. We hebben veel individuen ontmoet die een diep geloof hebben in psychiatrische medicijnen.

Sommigen zijn er uiteindelijk vanaf gekomen en hebben andere manieren gevonden om levensmoeilijkheden te boven te komen. Wij geloven dat totdat mensen voor zichzelf beslissen welke actie ze ondernemen, het beste dat wij kunnen doen is het verschaffen van accurate informatie en onze ervaring delen.

Het nemen van psychiatrische drugs is veel meer dan een simpele medische of technische zaak. Medicatie nemen kan zin lijken te geven aan iemands leven; als het gedaan wordt door het aandringen van een autoriteit, kan het de dichtst naderende religieuze handeling zijn die je ooit ervaren hebt.

Je waarden en ideeën met betrekking tot de menselijke natuur en persoonlijke groei, en over de bronnen van psychologisch lijden zullen invloed hebben op of je er wel of niet voor kiest psychiatrische medicijnen te gebruiken. Andersom, zal het innemen van drugs je waarden en ideeën kleuren. (zie hoofdstuk 12)

Zoals gezegd, zou de beslissing om psychiatrische drugs te gaan gebruiken of om ermee te stoppen een persoonlijke moeten zijn. Het zou niet getrivialiseerd moeten worden door welbespraakte acceptatie van pseudo-medische argumenten van je dokter of anderen zoals: “Dit medicijn is de meest effectieve behandeling voor je ernstige ziekte.” Of: “Dit medicijn corrigeert biochemische onbalans in je hersenen.” Of: “Stop nooit met deze medicatie; het is net als insuline voor diabetes.”

Vanuit het vakgebied van geestelijke gezondheid, is er geen enkele fysieke uitleg bevestigd voor één van de honderden psychiatrische ‘stoornissen’ zoals beschreven in de DSM-IV. Een recente editie van de American Journey of Psychiatry beschrijft de zaak eenvoudig: “Tot nu toe hebben we geen etiologische agenten gevonden voor psychiatrische stoornissen.”

Zelfs in deze eeuw van biologische, snelle oplossingen, is er een stijgend aantal onderzoekers dat de observatie vastlegt dat non-drugs benaderingen gelijke of betere resultaten opleveren dan drugs. Dit is zelfs het geval bij problemen die als extreem ernstig beschouwd worden zoals “schizofrenie”. De beweringen van jouw dokter van het tegendeel, hebben weinig of geen wetenschappelijke basis.

Toch kunnen zelfs goed opgeleide mensen diep onder de indruk zijn van psychiatrische propaganda die inspeelt op hun onzekerheden. Juist omdat er zo weinig solide wetenschappelijke back-up is voor het gebruik van psychiatrische medicijnen, worden mystificatie en slogans vaak overgebracht naar dokters door middel van drug reclame en vervolgens naar patiënten door dokters.

Daarom is het eerste principe van rationele, psychiatrische drug afbouw voor jezelf te beslissen dat je het wilt doen. Zelfs hoewel psychiatrische medicatie een modeverschijnsel geworden is dat opgedrongen wordt door medicijnbedrijven en dokters, zou het afbouwen van drugs een weldoordachte, individuele beslissing moeten zijn.

Voor jezelf beslissen vereist dat je verantwoordelijkheid neemt voor de uitkomst van je afbouw. Ongeacht de moeilijkheden die je zou kunnen ondervinden, zou je anderen niet de schuld moeten geven. Wat ook geldt, is dat je trots zou moeten zijn op je eigen prestaties. Van drugs afkomen op de meest rationele manier mogelijk vereist vaak planning en voorbereiding, kracht en vastberadenheid en geduld.

Als anderen je in de eerste plaats beïnvloed hebben om met psychiatrische drugs te beginnen, en als je eigen wensen niet werden gerespecteerd, kun je het moeilijker vinden voor jezelf te beslissen om van de drugs af te komen.

Als je op anderen rekent voor je economische of fysieke bestaan –zoals het geval is bij veel mensen die neuroleptica slikken zoals Risperdal, Seroquel, Zyprexa en Haldol- kan de beslissing om af te kicken van drugs moeilijker zijn om te nemen.

Als je jarenlang drugs gebruikt, kan het zijn dat je je niet meer precies herinnert wanneer en waarom je ermee begonnen bent. Of als familieleden of je dokter onvermurwbaar zijn en vinden dat je aan de drugs moet blijven, zou je het begrijpelijkerwijs niet willen riskeren deze mensen te vervreemden.

Dit zijn moeilijke omstandigheden en het is mogelijk dat er geen gemakkelijke oplossing is.  ”

Gerelateerde artikelen op deze site:

Een Succesvol Afbouwverhaal: een Update (december 2009) – Afkicken van Medicatie (augustus 2009) – Afbouwen Antipsychotica (juli 2009)

Via deze site kun je in contact  komen met andere mensen die de beslissing hebben genomen om niet langer om hun levensproblemen heen te lopen. Zij willen of zijn reeds bezig met het (geleidelijk) afbouwen van hun psychiatrische drugs of medicijnen. Zie hiervoor het mailadres rechtsboven in de balk. Het blijft natuurlijk zeer raadzaam om af te bouwen in overleg met een arts of psychiater.

Medicatie en Lichaamsgewicht

Afgelopen week ontving ik een brief van een lezer van deze site. Zij schrijft onder de naam ‘Rebecca Schildklier’ over haar ervaringen met betrekking tot medicatie en opnames, waarbij ze vooral aandacht vraagt voor de rol van doseringen bij geestbeïnvloedende medicatie. Er zou bij het voorschrijven meer gekeken dienen te worden naar het postuur van mensen:  Een beer van een man geef je andere hoeveelheden dan een breekbare, slanke vrouw. Hieronder volgt haar geanonimiseerde brief:

Beste dr A.,

Graag wil ik feedback geven omtrent mijn behandeling door u en anderen van uw instelling in het afgelopen half jaar.

Allereerst wil ik zeggen, dat jullie goede faciliteiten hebben en (ook) veel specialisme. Ik heb goed kunnen eten en ben (hierdoor) zowaar tot rust gekomen. Ik heb kunnen praten schilderen en aan psycho educatie kunnen deelnemen. Ik heb mijn vrijheden gehad en na een tijdje kon ik mij weer op dingen concentreren.

Echter er was één ding en dit heeft mij tegengewerkt. Graag wil ik u hierover als dokter informeren. Ik heb een klein lichaam, ik ben (nogal) dun en van het vrouwelijke geslacht. Ik heb vaak medicatie gekregen en merkte, dat ik hier altijd weinig van kon nemen omdat dit voldoende was om haar werk te doen. Zo ook met antipsychotica.

Ik heb telkens teveel gekregen en ik zou nog steeds willen weten waarom jullie dit gedaan hebben. Wanneer ik teveel antipsychotica krijg, verlies ik mijn persoonlijkheid en kan ik de bijwerkingen niet meer hanteren.

Van de 600mg SXR (op zich een goed middel, echter ik denk wederom dat het teveel voor mij was) raakte ik elke avond/nacht 3 à 4 uur lang  in mijn hele lichaam verlamd, en ik werd er ook angstig/agressief van. Ik denk dat ik teveel gehad heb.

Dit is één van de redenen waarom ik weggelopen ben en zelfs even heb gezworven.Ik wil u graag informeren omdat dit voor u als arts ook interessant kan zijn. Momenteel ben ik ergens anders gedwongen opgenomen. Ik heb hier (na een hele strijd) nu een lage dosering Cisordinol en ze werkt.

Ik heb mijn persoonlijkheid behouden en kan de bijwerkingen (vooral bewegingsdrang)  hanteren. Ik besef nu wat er aan de hand is maar voel me nog steeds bang voor de psychiater omdat ik altijd zoveel gekregen heb. Gelukkig is er hier wat meer communicatie.

Ik wil u niet aanvallen als persoon want ik denk dat u werkelijk een goede arts bent maar misschien is het belangrijk om te weten, dat het niet bij iedereen hetzelfde werkt. Ik wil je als mens op je hart drukken om bij kleine dunne vrouwen en -mannen ietwat op te passen met de dosering van de (goed werkende!) medicatie en te kijken welke verschijnselen van de medicatie komen, en welke van de psychose.

Ik heb zelf acht psychosen gehad en daar rouw ik om. Voorlopig kan ik veel dingen niet (meer) doen echter ik zie de toekomst evengoed positief tegemoet.Ik heb wel veel verdriet van hoe dingen gelopen zijn maar langzaam herwin ik het vertrouwen weer.

Ondanks alles wil ik u toch bedanken dat u mijn arts bent geweest.

Groeten,


Rebecca Schildklier


Het Vermogen je Geest Zelf te Vertragen

Vandaag las ik een reactie van een lezer (zie reactie 2) op het artikel Ontwikkelen van Psychosebegeleidersnetwerk. Daarin sprak ze over het aanleren van de vaardigheid om je geest rustiger te kunnen maken. Zij zegt dat mensen daar vooral ook in momenten van crisis veel baat bij kunnen hebben.

Dit idee om je geest zelf via concentratie en aandacht tot rust te brengen is reeds eerder verwoord door Jan in januari 2009:

Zodra ik door heb dat ik manisch ben, dit kan wel eens even tricky zijn, ga ik rusten op de bank. Opzich heeft dit totaal geen nut, als je manisch bent kun je niet rustig zitten. Maar afijn, ik ga dan rusten op de bank, ogen dicht en visualiseer en versnellingsbak van een auto.

Manie is versnelling 5, zo hard en snel mogelijk. Ik probeer dan als het ware terug te schakelen. Net als met een auto. Niet in één keer naar 1 maar eerst een tijdje op 4 en zo langzaam afbouwen.
Elke keer als er een versnelling af is een tijdje mezelf later gewennen aan de nieuwe snelheid en zo door totdat ik op 1 zit.

Dit werkt bij mij héél goed, ik hoef 9 van de 10 keer geen extra medicatie te gebruiken om mijn manie af te remmen.

Uiteraard des te langer de manie duurt des te langer het terugkoppelen duurt, een auto heeft een maximum snelheid, maar bij de geest ligt dat anders.

In het artikel ‘Niet Kunnen Stoppen met Denken‘ wordt ook gesproken over het probleem van het moeilijk kunnen afremmen van het denkproces.  Dit verschijnsel is echter niet uniek voor mensen die soms een psychotische periode doormaken.

Er lijkt een trend gaande te zijn binnen de GGz waarin de term ‘mindfulness’ steeds serieuzer wordt gebruikt. Zo blijkt uit een onderzoek bij het RIAGG Amersfoort dat depressieve mensen minder depressief werden door het volgen van een training mindfulness (zie Depressieve Stemming daalt door mindfulness-training).

Het lijkt me redelijk om ook meer te gaan experimenteren met zaken als mindfulness, meditatie- en aandachtstraining bij mensen die niet zozeer geneigd zijn in depressies af te dalen, maar die eerder geneigd zijn zich door hun onbewuste te laten overspoelen, zoals bij mensen die ‘psychotisch’ kunnen worden.

Ik hoor van mensen om me heen nog vooral veel scepsis en vooral angst over de mogelijkheid om meditatieve technieken aan te bieden aan mensen die soms psychotisch kwetsbaar kunnen zijn. Alsof zij daardoor juist vooral eerder in een psychose zouden kunnen terechtkomen. Het devies lijkt dan vooral te zijn: blijf zo ver mogelijk uit de buurt van de thematiek die de psychose heeft ontketend.

Een dergelijke houding leidt ertoe dat mensen bang worden en blijven om aandachtig te worden voor hun eigen innerlijke processen, alsof er continu een gevaarlijk roofdier op de loer ligt. Graag hoor ik ervaringen of ideeën van mensen die wél meditatief vooruitgang hebben geboekt in het leren integreren van de thematiek die leidde tot psychotische episodes, waardoor nieuwe episodes konden worden voorkomen.

Een grote factor in de weerstand vanuit de psychiatrie t.o.v. meditatie-technieken is waarschijnlijk platweg het concurrentieprincipe. Zeker nu er steeds meer berichten verschijnen over de giftige effecten van antipsychotica tezamen met de berichten over de effecten van antidepressiva die vaak net zo effectief zijn als placebo’s (neppillen) (zie bijv. Werkzaamheid antidepressiva vaak nauwelijks beter dan placebo, Farmaceut verzwijgt risico op diabetes (Seroquel) en Eerste Nederlandse claim tegen Medicijnfabrikant (Zyprexa))

Psychiaters zien vanuit hun professie liever mensen opknappen met medicatie dan via meditatie. Voor medicatie-verstrekking hebben zij immers geleerd en meditatie staat bij mijn weten niet echt op het programma tijdens de opleiding tot psychiater.

Lastig hierin voor psychiaters blijft dat mensen via medicatie vooral hun symptomen onderdrukken en via meditatie richting oorzaken en het activeren van het zelfgenezend vermogen gaan. Dat laatste verhaal is toch aantrekkelijker voor menig mens.