Geen Peuleschil II: Ontwenningsverschijnselen bij Afbouwen Psychiatrische Medicatie

Hieronder volgt het tweede deel in de serie ‘Geen Peuleschil’ van Christina. (Klik voor: deel 1)

Het uitgangspunt van deze PsychoseAnders site is dat het mogelijk is om een geestelijke benadering van psychoses te hanteren. In de praktijk worden mensen die met een psychose te maken krijgen, vaak opgenomen en ‘ingesteld’ op psychiatrische medicatie. Vrijwel iedereen die deze middelen slikt, zou dat liever niet doen. Er zitten dan ook veel nadelen en gevaren aan.

Maar pogingen om ermee te stoppen mislukken vaak. Dit omdat het bepaald GEEN PEULESCHIL is!

Deze middelen veranderen het brein. De cellen van het brein passen zich aan aan de veranderingen die door de medicatie worden veroorzaakt. Daarom kan het gebeuren dat iemand die abrupt stopt met deze medicijnen, heftige ontwenningsverschijnselen krijgt. Het brein moet zich als het ware weer ‘terugveranderen’ naar de oorspronkelijke toestand.

Of dat ook echt in alle gevallen kan, is niet bekend. Er wordt zeer weinig onderzoek gedaan naar vragen rond het stoppen met deze middelen.

De algemene mening in de psychiatrie is, dat je doorgaat met slikken en dat dit levenslang moet. En dat als je stopt, je dezelfde symptomen als waarvoor de medicatie gegeven werd, terugkrijgt, soms ook in een ergere mate.

Een punt is echter dat er ook stemmen zijn die zeggen dat een terugkeer van die symptomen geen deel uitmaken van de ‘ziekte’ zelf, maar het gevolg zijn van het ‘afkicken’ van de medicatie. Hoe raar dit ook klinkt, er zijn de nodige theoriën, en ook onderzoeken, die in die richting wijzen. Mogelijk volgt hierover nog een keer een apart artikel. Wil je alvast meer weten, lees dan b.v. ‘Anatomy of an Epidemic’ van Robert Whitaker, of ‘Your Drug May Be Your Problem’ door Peter Breggin en David Cohen (1).

Heel kort een glimp: Breggin en Cohen stellen dat als men jarenlang antipsychotica slikt, waarbij het dopamine systeem wordt onderdrukt, het brein deze onderdrukking gaat compenseren. Als men dan stopt met de medicijnen, dan neemt een overmatig geprikkeld dopaminesysteem het over. Psychotische ontregeling als reactie op het abrupt stoppen met antipsychotische middelen kwam voor bij personen die geen geschiedenis van psychotische symptomen hadden en die de antipsychotica om andere redenen slikten.

Uit het laatstgenoemde boek (‘Your drug may be your problem’) geef ik hieronder een serie verschijnselen weer, die mensen kunnen krijgen wanneer ze stoppen met psychiatrische medicatie. Dat kunnen zoals gezegd de ‘oorspronkelijke’ symptomen zijn, zoals b.v. een psychose, psychotische ‘verschijnselen’ en dat wat b.v. manie of depressie genoemd wordt. Het kan ook gaan om slapeloosheid bij afbouwen van slaapmiddelen, of depressie bij het afbouwen van antidepressiva.

Peter Breggin en David Cohen, hieronder noem ik ze voor het gemak B&C, geven in hun boek ook een overzicht van ontwenningsverschijnselen, op grond van onderzoeken en rapportages.

De opsomming hieronder is niet volledig; ik vat alleen de belangrijkste symptomen samen. Het is een vrije vertaling door mij, dus houd er rekening mee dat het mogelijk niet volledig accuraat vertaald is. Lees als je details wilt, vooral het boek of vraag een deskundige om meer informatie.

Ontwenningsverschijnselen bij antipsychotica:

Deze worden onderverdeeld door B&C in drie soorten.

1. Ontregeling van het cholinergische neurotransmitter systeem van het brein: symptomen die lijken op griep, zoals overgeven, misselijkheid, hoofdpijn, transpireren en een loopneus. Vaak ook emotionele reacties. Deze symptomen duren één tot vier weken, al zijn er ook mensen die langdurig dit soort symptomen ervaren.

2. Abnormaliteiten in de beweging: vaak wordt dit ontwennings-akathisie, ontwennings-parkinsonisme of ontwennings-dystonie genoemd. Onwillekeurige bewegingen, spasmen, een Tourette-achtig syndroom, tics, tremoren. Functies als slikken, praten en ademhalen kunnen ook worden beïnvloed. Soms verdwijnen deze bewegingen weer na een paar weken. Duren ze langen dan vier weken, dan worden ze gediagnosticeerd als tardieve dyskinesie, een ernstige en zeer beperkende bewegingsstoornis. Bij éénderde van de personen verminderen deze verschijnselen na verloop van maanden; bij de meesten zijn ze echter blijvend.

3. Een gevarieerde reeks psychologische en gedragsmatige symptomen, waaronder slapeloosheid, angsten, agitatie, prikkelbaarheid en organische psychose. Psychotische ontwenningsverschijnselen worden ook wel tardieve psychose, overgevoeligheidspsychose, of ontwenningspsychose genoemd. Vaak worden ze vergezeld van abnormale bewegingen, hallucinaties, wanen, verwarring en desoriëntatie.

Over zogenoemde atypische antipsychotica zoals o.a. Risperdal, Zyprexa, Abilify en Seroquel wordt opgemerkt dat het erop lijkt dat ze niet zo veel verschillen van de oudere antipsychotica. Seroquel werkt in op de serotonine in het brein en bij afbouwen krijgt men waarschijnlijk daarom veel van de ontwenningsverschijnselen die ook bij het staken van SSRI’s (antidepressiva) optreden.

B&C concluderen dat waar het gaat om het aantal mensen dat een terugval krijgt, voortgezet gebruik van het middel niet beter uitpakt dan een langzaam afbouwproces. Naar hun mening is voortgezet gebruik echter veel gevaarlijker dan afbouwen in verband met de manier waarop de medicatie het brein beïnvloedt.

Breggin en Cohen vinden dat mensen die ouder zijn dan veertig zo snel mogelijk met antipsychotica zouden moeten stoppen omdat de kans op tardieve dyskinesie groter wordt naarmate men ouder is. Ook raden ze ontwenning van de antipsychotica aan in het geval van personen die deze medicatie al jaren gebruiken en niet langer ernstige of beperkende psychotische symptomen vertonen. B&C noemen antipsychotica zeer gevaarlijke medicijnen, die zo kort mogelijk gebruikt moeten worden.

Ontwenningsverschijnselen bij het stoppen met antidepressiva

1. Bij de zogeheten tricycliden: 20 tot 100 procent van mensen die stoppen met tricyclische antidepressiva ervaart ontwenningsverschijnselen, die qua soort sterk kunnen variëren.

Het hoogste risico lopen degenen die vele jaren met hoge doseringen van deze medicatie gebruikten en die snel afbouwen. Het boek noemt een lijst van zeven soorten afkickverschijnselen, waaronder b.v. klachten van het spijsverteringssysteem, algemene gevoelens van fysiek en geestelijk onwel zijn die doet denken aan griep, emotionele manifestaties zoals spanning, ongedurigheid, geprikkeldheid, depressie en zelfs psychotische manie.

Verdere ontwenningsverschijnselen bij afbouwen van tricycliden zijn mentale problemen zoals een verstoorde geheugenwerking, desoriëntatie en zelfs delirium, slaapproblemen, abnormale bewegingen, spierkrampen, parkinson-achtige verschijnselen en akathisie (innerlijke agitatie die bewegingsonrust geeft). Een laatste verschijnsel dat wordt genoemd is een mogelijk gevaarlijke ontregeling van het hartritme.

2. MAO-remmers: hierover is niet zoveel bekend, er is weinig onderzoek naar gedaan. Een verslag spreekt van serieuze cognitieve beperkingen en catotonie, andere ontwenningsverschijselen die zijn genoemd omvatten agitatie, spanningen, hoofdpijnen, verlaagde bloeddruk, spierzwakte en tintelende sensaties in de huid.

3. Antidepressiva die de serotonine stimuleren (dit zijn o.a. SSRI’s zoals Prozac, Zoloft, Celexa, Paxil, Luvox, Effexor, Wellbutrin, Remeron en Cymbalta): de ontwenningsverschijnselen komen vaak overeen met die van de tricycliden, maar kunnen zich ook uiten als evenwichtsmoeilijkheden, zintuiglijke abnormaliteiten en mogelijk agressieve en impulsieve gedragingen.

4. Atypische Antidepressiva: ook hierover is weinig bekend als het om ontwenningsverschijnselen gaat. Een greep uit de meldingen: duizeligheid, overgeven, benauwdheid, overgeven, sterk transpireren, slapeloosheid, onrust, brandend gevoel in de huid, beperking van motorische vaardigheden, en bij sommige middelen ook manie en hypomanie.

Ontwenningsverschijnselen bij lithium:

Deze vertonen een precieze overeenkomst met de manische symptomen die aanleiding waren om met de lithium te starten, schrijven Breggin en Cohen. Met andere woorden: na stoppen met lithium krijgt men als ontwenningsverschijnsel vaak weer psychotische ‘verschijnselen’ of een volledige psychose.

Ook personen die al lange tijd lithium slikten en schijnbaar heel ‘stabiel’ waren, kunnen snel weer manisch worden nadat men slechts een paar dagen stopt met de lihtium. Uit een overzicht van onderzoek bleek dat 50 procent van de manische episodes die de onderzochte personen ondervonden, optraden binnen drie maanden na het stoppen van de lithium. Er was een toename van 28 procent van het risico op nieuwe manische episodes voor mensen die recentelijk met dit medicijn gestopt waren. Dit is dus gegronde reden om zeer voorzichtig om te gaan met het afbouwen van lithium (2).

Een onderzoek onder 14 ‘patiënten’ en een controle groep van 28 personen liet zien dat het ontwennen van lithium leidde tot een hoog aantal gevallen van terugkeer van de symptomen. Echter, toen deze mensen eenmaal hersteld waren van deze ontwennings-reactie, was hun algehele toestand over de volgende zeven jaar niet verergerd door het stoppen. Dat is goed nieuws voor wie overweegt te stoppen met lithium, schrijven B&C, want dit betekent dat iemand die stopt met lithium net zulke goede vooruitzichten heeft nadat hij of zij eenmaal hersteld is van de ontwenning, als iemand die doorgaat met het slikken van dit middel.

Personen die niet manisch worden na het stoppen van lithiumgebruik, ervaren soms een verhoogde energie en opmerkzaamheid, een verhoogde emotionele respons, een toename in concentratie en minder dorstgevoelens. Naar mijn eigen idee zou het kunnen dat dit tekenen zijn van een terugkeer naar de gevoeligheid die de persoon had vóór hij of zij medicijnen ging slikken. Het kan een tijdje duren om hier aan te wennen.

Ontwenning van anti-epileptica:

Hierover is ook nog niet zoveel bekend, volgens het boek. Wel blijkt dat mensen die afkicken van deze middelen soms epileptische aanvallen krijgen, ook als ze voordat ze begonnen met deze middelen nooit epilepsie hadden. (Dit is een indicatie dat tengevolge van deze medicatie het brein zich aanpast aan het gebruik, en dat het slikken van deze middelen op de lange duur de verschijnselen gaat oproepen die ze juist geacht worden te bestrijden).

Ook zijn er ontwenningsverschijnselen bekend als angsten, spiertrekkingen, beven, gevoel van zwakte, misselijkheid en overgeven.

(1) Op deze site zijn eerder artikelen verschenen rondom het boek ‘Your Drug may be your Problem’,  van Breggin & Cohen. Denk bijvoorbeeld aan ‘ Je Medicijnen kunnen je probleem zijn: beslis zelf‘ en ‘De Mythe van de Chemische Onbalans‘. Over het verschijnsel ‘Intoxication Anosognosia’, oftewel het betoverende effect van psychiatrische medicijnen heeft Sharon een uitgebreide vertaling gemaakt in de vorm van een boeiend drieluik: (deel 1, deel 2 en deel 3).

(2) zie ook het artikel GEEN PEULESCHIL II, over de voorwaarden waaraan je het best kunt voldoen vóór je overweegt te gaan afbouwen met psychiatrische medicatie).

(*) Illustraties respectievelijk afkomstig van http://fiddaman.blogspot.nl/2010_04_01_archive.htmlhttp://oxycontintreatmentdirectory.com/oxycontin-withdrawal/ en http://paxil.net/paxil-side-effects

Advertenties

Na 7 Jaar zelfstandig vrij van Lithium: een afkickverhaal

Na enkele dagen terug de afbouwervaringen te hebben geplaatst van Q, kan ik vandaag de ervaringen delen van Sharon die na 7 jaar op eigen kracht erin geslaagd is geleidelijk haar lithium af te bouwen tot nul en er zich opperbest bij voelt.

Graag plaats ik op deze site meerdere ervaringen van mensen die op verantwoorde wijze afbouwen met hun medicatie (verantwoord wil overigens niet zeggen met steun van aanhangers van het medische model!)

Hieronder de bijdrage van Sharon:

Het afgelopen jaar heb ik zeer voorzichtig mijn lithium gebruik afgebouwd. Ik wilde  niet over één nacht ijs gaan en las o.a. de boeken van Peter Breggin. Ik was me er goed van bewust dat –ook bij kleine stapjes-  de symptomen van de allereerste ‘psychose’ konden terugkeren. Ofwel dat dit ontwenningsverschijnselen konden zijn van het ruim 7 jaar medicijnen slikken die de chemie in de hersenen veranderen.

Uit video van Evanescence - Lithium (link)

Afgelopen april had ik mijn inname afgebouwd van 800mg tot 200mg. Ik werd langzaamaan extreem gevoelig. Alle indrukken kwamen heftiger binnen, ik werd emotioneler en had het gevoel alsof ik 20 koppen koffie gedronken had. Signalen die erop wezen dat ik inderdaad misschien afstevende op een ‘ontwenningspsychose’.

Ik was er niet bang voor; ik was vastbesloten hierdoor heen te komen zonder verdere medicatie. Uiteraard wilde ik me dit mijzelf en mijn naasten liever besparen dus hield ik mijn gemoedstoestand goed in de gaten.

Het gebeurde toch… Mijn familie, die gelukkig achter mijn beslissing had gestaan de lithium af te bouwen, hield (van afstand) ook een oogje op me. Ik was er heel stellig in dat ik NIET opgenomen wilde worden in de instelling waar ik de vorige drie keer (gedwongen) beland was.

Dit waren voor mij traumatische en vernederende ervaringen geweest waar ik niet gehoord werd en waar anti-psychotica de enige ‘remedie’ was. Mijn familie bracht mij echter toch naar deze bewuste instelling om een gedwongen opname te voorkomen zo werd mij later verteld.

Nu was ik daar dus ‘vrijwillig’. Ik bleek niet in staat de juiste antwoorden te geven op de vragen van de psychiater en er werd enorm veel druk op me uitgeoefend om daar meteen maar te blijven. (Eigenlijk had ik in feite geen keus,  paradoxaal genoeg.)

Deze laatste opname heb ik als een ultieme verschrikking ervaren. Ik had inmiddels de nodige ervaring met gedwongen opnames maar nog niet met de ‘vrijwillige’. Het was ontzettend verwarrend voor me. Ik was daar ‘vrijwillig’ maar de deuren gingen op slot; ik mocht niet naar buiten en ik mocht ook niet weg.

Iedere dag werd ik op dwingende wijze door de verpleegkundigen toegesproken. Men wilde dat ik temesta zou slikken en door een arts-assistent werd mij dringend aangeraden Risperdal in te nemen. Ik weigerde.

Toen na een week een verpleegkundige de deur voor mij opende zodat ik een rondje buiten mocht lopen, ben ik op de bus gestapt en naar huis gegaan. Ik bleef voornamelijk binnen en worstelde mezelf door mijn ‘psychose’ heen zonder extra medicatie behalve de 200mg lithium die ik was blijven slikken.

Drie keer kwam er een verpleegkundige bij mij thuis om te kijken hoe het met mij ging. Ik vond dit een aantasting van mijn privacy, onnodig en wilde dit helemaal niet. Hierin had ik volgens hen ook al geen keus.

Alles bij elkaar duurde de ‘episode’ ongeveer vier weken en benaderde deze de heftigheid van mijn eerste ervaring van ruim 7 jaar geleden.

Ik bleef vastbesloten de rest van mijn lithium ook (voorzichtig) af te bouwen en sinds ruim vier weken ben ik volledig medicijnvrij. Ik voel me nu prima en ben voornemens nooit meer psychiatrische ‘medicijnen’ in te nemen.

Mocht ik onverhoopt plotseling slecht slapen, houd ik wel wat slaappillen achter de hand. Voldoende rust –zeker in dit stadium- beschouw ik als zeer belangrijk.

Mijn ‘vrijwillige’ opname heeft er helaas behoorlijk ingehakt. De teleurstelling in mijn familie die tegen mijn wil toch weer contact opnam met de psychiatrie en ik voel woede ten opzichte van mijn ‘behandeling’.

Hoewel ik steeds vertelde dat ik mijn lithium aan het afbouwen was en het toch als bekend feit verondersteld mag worden dat daardoor de symptomen opnieuw op zouden kunnen treden, werd mij in de inrichting deze keer verteld dat ik waarschijnlijk leed aan paranoïde schizofrenie in plaats van een zgn. bipolaire stoornis. (Dit laatste etiket werd mij de eerder opgeplakt ook al had ik nooit last van depressies.)

Ik ben er nu zelfs nog meer van doordrongen dat de reguliere psychiatrie mij alleen maar van de regen in de drup heeft geholpen en ik hoop dat ik er nooit meer iets mee te maken hoef te hebben.

Het contact met mijn familie is nu (tijdelijk?) beschadigd geraakt en heeft een hoop andere zaken van vroeger bovengewoeld. Ik voel me beter en helderder zonder lithium en ben nu op zoek naar een therapeut die mij o.a. kan helpen sommige dingen uit het verleden een plek te geven.

In tegenstelling tot de zgn. ‘wetenschap’ van de psychiatrie, heb ik wel veel vertrouwen in de kundigheid van psychologie.

Uit onderstaand interview met een Amerikaanse psycholoog die cognitieve gedragstherapie toepast bij mensen met andere staten van bewustzijn, blijkt onder andere dat het wel degelijk mogelijk is succesvol mensen bij hun proces te ondersteunen.

Hij benadrukt overigens dat het belangrijk is vooral GEEN therapeut te kiezen die het biologische model van de psychiatrie aanhangt; deze mensen blijven immers hangen in de overtuiging dat je een aangeboren hersenafwijking hebt en dat ze dus weinig tot niks kunnen doen.

Ik hoop dat ook in Nederland therapeuten te vinden zijn zoals deze Ron Unger….

Ik ben me er van bewust dat ik er nog niet helemaal ben maar dat ik het ergste waarschijnlijk gehad heb en dat niets mijn verdere proces in de weg staat. Ik heb er alle vertrouwen in dat ik uiteindelijk een wijzer, spiritueler en meer liefdevol mens kan worden en hoop dat ik in de toekomst wellicht andere mensen kan helpen die worstelen met hun ‘diagnose’ en het afbouwen van hun medicijnen.

Je Medicijnen kunnen je Probleem Zijn: Beslis Zelf

Hier volgt een vertaling uit het boek van P.R. Breggin (M.D.) en David Cohen (phD) ‘Your Drug May be your Problem‘. Het betreft de pagina’s 138-139 van de paragraaf: Beslis voor jezelf. Met hartelijke dank aan Sharon voor deze bijdrage.

BESLIS VOOR JEZELF

Ervoor kiezen om van psychiatrische medicijnen af te komen, zou je eigen, persoonlijke beslissing moeten zijn. Het zou niet wijs zijn om iemand anders voor jou te laten beslissen of je drugs in zou nemen of zou stoppen ze in te nemen.

Meningen over de bruikbaarheid van drugs variëren behoorlijk. Zoals de lezer inmiddels weet, geloven wij dat medicijnen innemen om emotionele, psychologische en sociale problemen op te lossen in het beste geval een misleidende, tijdelijke en oppervlakkige oplossing is.

Maar andere mensen geloven dat deze drugs erg behulpzaam zijn, zelfs levensreddend, en sommige anderen kunnen zich niet echt voorstellen ooit zonder te kunnen. We hebben veel individuen ontmoet die een diep geloof hebben in psychiatrische medicijnen.

Sommigen zijn er uiteindelijk vanaf gekomen en hebben andere manieren gevonden om levensmoeilijkheden te boven te komen. Wij geloven dat totdat mensen voor zichzelf beslissen welke actie ze ondernemen, het beste dat wij kunnen doen is het verschaffen van accurate informatie en onze ervaring delen.

Het nemen van psychiatrische drugs is veel meer dan een simpele medische of technische zaak. Medicatie nemen kan zin lijken te geven aan iemands leven; als het gedaan wordt door het aandringen van een autoriteit, kan het de dichtst naderende religieuze handeling zijn die je ooit ervaren hebt.

Je waarden en ideeën met betrekking tot de menselijke natuur en persoonlijke groei, en over de bronnen van psychologisch lijden zullen invloed hebben op of je er wel of niet voor kiest psychiatrische medicijnen te gebruiken. Andersom, zal het innemen van drugs je waarden en ideeën kleuren. (zie hoofdstuk 12)

Zoals gezegd, zou de beslissing om psychiatrische drugs te gaan gebruiken of om ermee te stoppen een persoonlijke moeten zijn. Het zou niet getrivialiseerd moeten worden door welbespraakte acceptatie van pseudo-medische argumenten van je dokter of anderen zoals: “Dit medicijn is de meest effectieve behandeling voor je ernstige ziekte.” Of: “Dit medicijn corrigeert biochemische onbalans in je hersenen.” Of: “Stop nooit met deze medicatie; het is net als insuline voor diabetes.”

Vanuit het vakgebied van geestelijke gezondheid, is er geen enkele fysieke uitleg bevestigd voor één van de honderden psychiatrische ‘stoornissen’ zoals beschreven in de DSM-IV. Een recente editie van de American Journey of Psychiatry beschrijft de zaak eenvoudig: “Tot nu toe hebben we geen etiologische agenten gevonden voor psychiatrische stoornissen.”

Zelfs in deze eeuw van biologische, snelle oplossingen, is er een stijgend aantal onderzoekers dat de observatie vastlegt dat non-drugs benaderingen gelijke of betere resultaten opleveren dan drugs. Dit is zelfs het geval bij problemen die als extreem ernstig beschouwd worden zoals “schizofrenie”. De beweringen van jouw dokter van het tegendeel, hebben weinig of geen wetenschappelijke basis.

Toch kunnen zelfs goed opgeleide mensen diep onder de indruk zijn van psychiatrische propaganda die inspeelt op hun onzekerheden. Juist omdat er zo weinig solide wetenschappelijke back-up is voor het gebruik van psychiatrische medicijnen, worden mystificatie en slogans vaak overgebracht naar dokters door middel van drug reclame en vervolgens naar patiënten door dokters.

Daarom is het eerste principe van rationele, psychiatrische drug afbouw voor jezelf te beslissen dat je het wilt doen. Zelfs hoewel psychiatrische medicatie een modeverschijnsel geworden is dat opgedrongen wordt door medicijnbedrijven en dokters, zou het afbouwen van drugs een weldoordachte, individuele beslissing moeten zijn.

Voor jezelf beslissen vereist dat je verantwoordelijkheid neemt voor de uitkomst van je afbouw. Ongeacht de moeilijkheden die je zou kunnen ondervinden, zou je anderen niet de schuld moeten geven. Wat ook geldt, is dat je trots zou moeten zijn op je eigen prestaties. Van drugs afkomen op de meest rationele manier mogelijk vereist vaak planning en voorbereiding, kracht en vastberadenheid en geduld.

Als anderen je in de eerste plaats beïnvloed hebben om met psychiatrische drugs te beginnen, en als je eigen wensen niet werden gerespecteerd, kun je het moeilijker vinden voor jezelf te beslissen om van de drugs af te komen.

Als je op anderen rekent voor je economische of fysieke bestaan –zoals het geval is bij veel mensen die neuroleptica slikken zoals Risperdal, Seroquel, Zyprexa en Haldol- kan de beslissing om af te kicken van drugs moeilijker zijn om te nemen.

Als je jarenlang drugs gebruikt, kan het zijn dat je je niet meer precies herinnert wanneer en waarom je ermee begonnen bent. Of als familieleden of je dokter onvermurwbaar zijn en vinden dat je aan de drugs moet blijven, zou je het begrijpelijkerwijs niet willen riskeren deze mensen te vervreemden.

Dit zijn moeilijke omstandigheden en het is mogelijk dat er geen gemakkelijke oplossing is.  ”

Gerelateerde artikelen op deze site:

Een Succesvol Afbouwverhaal: een Update (december 2009) – Afkicken van Medicatie (augustus 2009) – Afbouwen Antipsychotica (juli 2009)

Via deze site kun je in contact  komen met andere mensen die de beslissing hebben genomen om niet langer om hun levensproblemen heen te lopen. Zij willen of zijn reeds bezig met het (geleidelijk) afbouwen van hun psychiatrische drugs of medicijnen. Zie hiervoor het mailadres rechtsboven in de balk. Het blijft natuurlijk zeer raadzaam om af te bouwen in overleg met een arts of psychiater.

Soteria en antipsychoticabeleid in Zwiefalten, Duitsland

Het gedachtegoed van Psychose Anders heeft veel raakvlakken met het gedachtegoed achter de verschillende Soteriahuizen. In Nederland is er sinds begin 2009 een Stichting Soteria Nederland welke ernaar streeft in 2011 een heus Soteriahuis in Nederland te kunnen aanbieden.

In Bern, Zwitserland is er al sinds 1984 een Soteriahuis. In 1999 is er ook in Duitsland een Soteriahuis opgericht in de deelstaat Baden-Württemberg in het plaatsje Zwiefalten, gevolgd door een tweede Duitse Soteriahuis in Beierse Haar nabij München in 2003 (zie Soteria-netzwerk).

Voor meer achtergronden over het soteria-gedachtegoed verwijs ik naar artikelen van de Soteria Nederland site.

In november 2009 verscheen er in het blad ‘Psy‘ een bijdrage over het Soteriahuis in Zwiefalten van de hand van Stef van Delft. Deze bijdrage ‘De Warme Kliniek’  is in te zien als pdf-bestand.

BESPREKING ARTIKEL OVER ZWIEFALTEN, DUITSLAND

Ik heb het artikel met gemengde gevoelens gelezen en wil de achtergronden hiervan bespreken in dit artikel. Een kernconcept binnen de psychose-anders benadering is dat veel psychoses in principe een ‘schreeuw’ zijn van de ziel. In die zin dat er dermate veel conflicterende en vaak pijnlijke gevoelens en gedachten worden weggedrukt dat het op een bepaald moment niet langer mogelijk is deze in het onbewuste te houden.

Het onbewuste spoelt dan over en het normale waakbewustzijn raakt overspoeld met een taal die het niet of nauwelijks machtig is: vol met symboliek en beweging. Soms kan het zelfs leiden tot een blik in een andere realiteit (zie Openstaan voor Andere Realiteiten en  Psychotische Schoonheid).

Het aantrekkelijke van het oorspronkelijke Soteriagedachtegoed vond ik dat Loren Mosher een psychotische fase ook vooral benaderde als een betekenisvolle persoonlijke crisis. Een psychose moest niet medicamenteus worden onderdrukt maar er moest eerder onder beschermende en veilige omstandigheden naar gekeken worden en dan het liefst met geen of minimale psychose-onderdrukkers (of antipsychotica).

Deze benadering was effectief en is later ook het voorbeeld geweest voor de andere soteriahuizen in Europa.

In het artikel van Stef van Delft in de Psy kunnen we ook lezen over de vriendelijke uitstraling die het soteriahuis in Zwiefalten heeft: het lijkt in het geheel niet op een normale psychiatrische afdeling. Er is veel persoonlijke begeleiding, de staf maakt lange diensten van half zeven ’s ochtends tot half zes ’s avonds. Er zijn veel aanspreekmomenten en er lijkt ook een vrij gelijkwaardige sfeer te hangen.

Volgens de psychiater van het soteriahuis Hans Renz kijken patiënten (er wordt gesproken over patiënten) niet met wrok terug op hun verblijf in het Soteriahuis.

Dit klinkt allemaal prettig en aangenaam, alleen wees de auteur van het artikel de psychiater op de aanwezigheid van pillenbekertjes bij het eten. Hierop antwoordde de psychiater dat bijna iedereen antipsychotica gebruikt en uiteindelijk niet eens veel minder dan onder niet-soteria-omstandigheden.

Een psycholoog Ulrich Annussek zegt over dit onderwerp dat er bij de opstart van het Soteriahuis geprobeerd werd mensen op te nemen zonder daarbij gebruik te maken van antipsychotica, “maar daar zijn we snel op teruggekomen, ook omdat mensen niet verder kwamen. Daarbij, veel mensen vragen zelf om medicijnen” (p.30)

Als je op de site van de Münsterklinik Zwiefalten kijkt dan kun je daar lezen:

Ein zurückhaltender und individuell abgestimmter Einsatz von Medikamenten ist für uns selbstverständlich, Absetzversuche werden begleitet. (Stationäre Behandlung in der Soteria Zwiefalten)

Met andere woorden in theorie lijkt het soteriadenken rondom medicatiegebruik wel te gelden, inclusief de mogelijkheid om af te bouwen van de medicatie, alleen in de praktijk lijkt het gebruik van antipsychotica niet veel anders te zijn dan onder normale omstandigheden.

Wat moet je hier nu van denken? Hoe kan in het theoretische walhalla van de  psychose-behandeling volop gebruik gemaakt worden van psychose-onderdrukkende medicatie? Hoe kan het dat bewoners zelf om medicatie vragen en dat er zonder medicatie niet veel beweging zou zitten in het proces?

Ik ben toch geneigd te denken dat de ‘psycho-educatie‘ rondom de ideale manier om met schizofrenie en psychoses om te gaan ook binnen de deuren van het soteriahuis in Zwiefalten is binnengedrongen, en dan misschien niet eens zozeer door de staf, maar vooral door de invloed van de psychiatrie in het algemeen: het automatisme om psychoses te koppelen aan antipsychotica zit waarschijnlijk ook diep-ingebakken in de bewoners zelf.

Het argument dat mensen niet verder kwamen zonder antipsychotica zou je ook kunnen zien als een teken dat de staf niet voldoende in staat was om een alternatief te bieden voor antipsychotica: om zingeving te koppelen aan de psychotische ervaring.

Op de wijze waarop Soteria Zwiefalten nu lijkt te functioneren – ondanks de positieve feedback van de bewoners zelf – meen ik toch de stilzwijgende boodschap te horen dat psychoses met medicatie dienen te worden behandeld, alsof er toch sprake is van gestoorde hersenfunctionaliteit.

In een pure soteriaomgeving zou – in mijn beleving – de staf veel energie dienen te investeren in het afbouwen van het medische model en het aanreiken van een alternatieve benadering waarbij benadrukt wordt dat een psychose een betekenisvolle uiting kan zijn die niet onderdrukt maar vooral onder warme, liefdevolle en rustige omstandigheden dient te worden onderzocht.

Ik hoop van harte dat Soteria Nederland erin zal slagen om het oorspronkelijke medicatie-arme of -loze beleid met meer vuur te verdedigen en niet makkelijk mee zal gaan met de medicatiewensen van de ‘patiënten’ die al geïndoctrineerd zijn met het medische denken rondom psychoses en schizofrenie. Soteria hoort een alternatief te zijn voor de huidige reguliere benadering waarbij de houding ten opzichte van medicatie de kern vormt voor de houding ten opzichte van het verschijnsel psychose.

Succesvol Afbouwverhaal: een Update

In juli 2009 heb ik contact gehad met Q. die weigerde de rest van zijn leven geest- en emotieverdovende antipsychotica te nemen. Hij stimuleerde me tot het schrijven van Afbouwen Antipsychotica met later het vervolg Afkicken van Medicatie.

Q. was zeer gemotiveerd om op zorgvuldige wijze zijn medicatie af te bouwen om het leven weer in zichzelf te kunnen voelen stromen. Hij had er genoeg van een zombie-achtig bestaan te leiden. Ik had hem dan ook gevraagd me op de hoogte te houden.

Begin december 2009 ontving ik een document van zijn hand dat ik graag met jullie wil delen. Graag wil ik iedereen oproepen reacties te delen (of door reacties op de diverse artikelen of via de mail (zie kolom rechtsboven)).

Beste Lezers,

Een paar maanden terug heb ik contact gehad met de maker van de psychose-anders website over het stoppen met medicijnen.

Hij heeft toen een artikel over dit onderwerp op zijn site gezet (afbouwen antipsychotica). Dit artikel heeft me in een richting laten gaan die mijn hele leven in positieve zin heeft veranderd.Dit vind ik zo belangrijk dat ik dit met andere mensen wil delen.

Wat is er gebeurd?

Ten eerste kwam ik tot de conclusie dat wanneer ik mijn medicijnen (zyprexa)  zou verminderen en er niet aan de oorzaak van mijn problemen gewerkt wordt de kans bestaat dat ik een terugval zou krijgen.

De reguliere geneeskunde kon niet veel voor me betekenen. Alle behandelaars die ik in al die jaren voorbij heb zien komen hebben eigenlijk maar twee dingen gedaan: ze hebben me medicijnen voorgeschreven en bloed geprikt om te controleren of ik de medicijnen wel innam.

Aan de maandelijkse gesprekken met mijn behandelaar (SPV-er) van het RIAGG had ik helemaal niets, ik kwam regelmatig met een groter klotegevoel buiten dan waarmee ik binnen was gekomen.

Na vele jaren kwam hij tot de conclusie daar ik al een hele tijd stabiel was, dat ze het toch maar heel erg goed gedaan hadden. Ik was het niet eens met die conclusie.

Omdat ik toch al een paar jaren stabiel was en de gesprekken bij het RIAGG bijna altijd hetzelfde waren hebben we tezamen besloten om de behandeling bij het RIAGG stop te zetten. Ik stond er dus eigenlijk helemaal alleen voor. Ik ben toen toch in samenspraak met mijn huisarts begonnen met het minderen van mijn medicijnen.

Tot op de dag van vandaag heb ik geen nadelige gevolgen ondervonden, zoals afkickverschijnselen en of een terugval. Ik zit nu op de helft van mijn dosering en ben van plan om het medicijn helemaal af te bouwen tot het nulpunt. Ik ben op het moment ook helemaal niet bang meer voor een terugval of voor een nieuwe psychotische periode.

Hoe komt dit nu?

Wel,  ik zal dit proberen uit te leggen. Door toeval ben ik in contact gekomen met een meneer die een praktijk voert in natuurlijke geneeswijzen.

Hij heeft een grote diversiteit aan behandelmethoden. Hij heeft er tot nu toe een paar bij mij toegepast. Deze meneer kon in ons eerste gesprek al vertellen wat een psychose is. Dit had me tot dat moment nog niemand kunnen vertellen. Het heeft me wel een paar weken gekost om deze uitleg als de waarheid aan te nemen. Dus sta er niet raar van op te kijken als mijn volgende relaas u een beetje raar in de oren zal klinken.

Om te beginnen vertelde hij met dat ik er zelf helemaal niets aan kon doen dat ik psychotisch geworden was. Dit vond ik raar want ik heb altijd gedacht dat ik mezelf door mijn gedachten in een psychose kon storten, dit deed toch niet iemand anders.

Hij vroeg me of ik wist wat een aura was. Ik wist dat dit het energetisch veld om je lichaam is. Het is mogelijk de aura door middel van Kilianfotografie op foto vast te leggen. Er is iets aan de hand met je aura zei me deze natuurgenezer. Er zitten dingen in die er helemaal niet in thuis horen.

Wat zit er dan in vroeg ik aan hem. Er zitten een aantal entiteiten in, en deze entiteiten zorgen ervoor dat jij niet naar behoren kunt functioneren.

“Wat zijn entiteiten?” vroeg ik aan hem. “Entiteiten zijn gestorven mensen die nog niet naar het hiernamaals gegaan zijn maar die op deze aarde zijn blijven hangen. Deze entiteiten moeten ergens hun energie vandaan halen en dat doen er op dit moment een aantal bij jou.”

Het was mogelijk om deze entiteiten te verwijderen, maar ik moest zelf ook actief meewerken.

Hoe is het mogelijk dat deze entiteiten mij uitgekozen hadden? Dit zal ik proberen uit te leggen. Een lichaam van een mens bestaat uit atomen, en elk onderdeel van ons lichaam heeft zijn eigen frequentie.

Wat is een frequentie en hoe kun je deze beïnvloeden?

Een frequentie ontstaat door het ronddraaien van de atomen rond hun kern. Wat was er bij mij aan de hand. Mijn atomen draaiden niet zo heel erg snel meer en daardoor kwam mijn gehele lichaam in een lagere frequentie terecht.

Dit was nu de oorzaak waarom dat die entiteiten mij uitgekozen hadden. Door de lagere frequentie was ik voor hen zichtbaar en was het mogelijk om mijn aura binnen te dringen. Entiteiten zij parasieten en geven helemaal niets om een mens, zij moeten aan hun trekken komen. Ze kunnen zelfs je gedachten beïnvloeden en stemmen in je hoofd laten komen.

He, dat kwam me bekend voor. In mijn eerste psychose heb ik stemmen in mijn hoofd gehad die me opdrachten gaven. De entiteiten zorgen ervoor dat je je slecht voelt en dat je frequentie daardoor laag blijft. Zo kunnen ze bij je blijven en energie aan je lichaam blijven onttrekken. Hoe slechter het met jou gaat hoe beter het voor hen is.

Door een bepaalde methode toe te passen kon mijn behandelaar meten hoeveel entiteiten er met mij meeliften. Het waren er maar liefst acht. Door bepaalde therapieën toe te passen zoals het innemen en het vernevelen in mijn aura van spagyrische moederessensen zouden deze entiteiten verwijderd kunnen worden.

Ook door een frequentietherapie die bestaat uit het zitten achter een lamp die een bepaalde frequentie uitzend werd bijgedragen om deze entiteiten te verwijderen.

De therapie volgens Rife was zeer effectief. Rife is Royal Raymond Rife een wetenschapper uit de vorige eeuw. Hij heeft een lamp uitgevonden die een bepaalde frequentie uit kan zenden. Men kan per aandoening de frequentie aanpassen.

Ook het toepassen van positieve affirmaties heeft bij mij bijgedragen om deze entiteiten te verwijderen. Al met al sta ik er op dit moment goed voor. Mijn concentratie is verbeterd waardoor ik weer een boek kan lezen, dit is de laatste 11 jaar bijna niet mogelijk geweest.

Op mijn werk gaat het beter en ik ben lang niet meer zo moe en lusteloos. Mijn gevoelens beginnen ook weer langzaam terug te komen. Door de medicijnen waren deze heel erg vlak geworden. Ik vond meestal alles wel goed en had bijna geen eigen mening meer. Mijn gevoel voor eigenwaarde is in deze relatief korte tijd ook toegenomen.

Ik kijk uit naar het moment dat ik medicijnvrij zal zijn. Dit zal nog een drietal maanden duren. Hoe ik er dan voorsta zal ik aan de maker van de pshychose-anders website laten weten en deze zal het dan wel op de website plaatsen.

Ik wil de heer Q. hartelijk danken voor het schrijven van deze bijdrage. Mochten er mensen geïnteresseerd zijn in het onderzoeken van de mogelijkheid dat er sprake zou kunnen zijn van entiteiten die inhaken op de lage frequenties van je systeem dan zou je kunnen overwegen contact te leggen met natuurgeneeskundigen die methodes hebben dit te onderzoeken. Praktijk Joya in Nijmegen kan ik aanbevelen. Je kunt ook zelf via intenties proberen eventueel laag-frequentieel gespuis te verwijderen uit je systeem.

Ter afsluiting zou ik nog willen zeggen dat er 101 redenen kunnen zijn waardoor iemand ‘psychotisch’ wordt. Soms kan er sprake zijn van entiteiten, soms kunnen de stemmen ook delen uit jezelf zijn en wie weet wat er nog niet meer voor mogelijkheden zijn. Vaak is er ook geen sprake van stemmen.

Manifest van een onwillige Psychiatrische Patiënt

Laatst werd ik gewezen op een tekst van Aubrey Ellen Shomo. In dit ‘manifest’ wordt op een heldere manier beschreven met wat voor soort reacties mensen vooral wordt geleerd om de medicatie te blijven nemen. Mensen krijgen te horen dat ze weigeren medicatie te nemen uit een gebrek aan ziekte-inzicht.

Verder is het idee diepgeworteld dat je vooral door het nemen van de ‘major tranquilizers’ (mega-kalmeringsmiddelen) ook wel eufemistisch ‘antipsychotica’ genoemd het monster van de psychose kan blijven onderdrukken en dat terwijl wellicht juist de psychose – mits goed begeleid – de sleutel tot de oplossing kan aanreiken (zie Psychose, vriend in Vermomming).

Het probleem dat kan optreden als je eenmaal een paar jaren geest-beïnvloedende medicatie hebt geslikt is dat mensen om je heen ook werkelijk ervan overtuigd raken dat je die medicatie nodig hebt om te kunnen leven. Een ander nadeel is verder dat je hersenen er ook aan gewend zijn geraakt, waardoor er een soort antipsychotica-verslaving is opgetreden waarvan het afkicken een erg sterke geest vereist, want afkicken van een medicatie-verslaving lijkt meer op het afkicken van een heroïne-verslaving dan op het stoppen met roken (zie Afbouwen van Medicatie).

Na een jaar ‘psychose anders’ is een van mijn conclusies dat het hoog tijd wordt voor de oprichting van ‘afkickcentra voor psychofarmaca’: plekken waar mensen naar toe kunnen die af willen van de geestverlammende en lichaamsverdikkende chemicaliën die onder het mom van helpende medicatie aan de man worden gebracht.

Afkickcentra waar mensen artsen treffen die hen willen begeleiden met een voorzichtige afbouw van medicatie (met zo’n 10% per maand of iets in die geest) met daarbij de ondersteuning van een groep mensen die ervaring hebben met het afkicken van medicatie en ook ervaring hebben met het omgaan met de thema’s die dan weer vrij kunnen komen zodra de medicinale onderdrukking steeds meer wordt opgeheven.

Er zou een team van ervaringsdeskundigen en behandelaren horen te zijn die geloven dat iemand in staat is om af te kicken van de psychofarmaca en die ook vertrouwen heeft in het zelfhelend vermogen dat geactiveerd kan worden: een groep mensen die in staat is om warm en liefdevol te zijn naar mensen die het zwaar hebben gehad in hun leven, mensen die in de knoei zijn geraakt door allerlei soorten problemen die het leven kan aanreiken.

Mochten er lezers zijn die artsen kennen die bereid zijn mensen te helpen met het afkicken van medicatie dan hoor ik dat graag via het emailadres in de rechterbalk bovenaan.

Hieronder volgt het vurige manifest van Aubrey Ellen Shomo die niet voor altijd een braaf-slikkende patiënt wilde blijven (met dank aan Sharon voor de vertaling uit het Engels):

Manifest van een onwillige psychiatrische patiënt

Ik zie het overal: ‘Mensen met een geestesziekte hebben medicatie nodig.’ Het klinkt redelijk.
Vandaag de dag zijn er zelfs politieke organisaties die ernaar streven het makkelijk te maken om een persoon te dwingen deze te nemen. Het is makkelijk om naar iemand anders te kijken en zulk soort dingen te veronderstellen. Het is menselijk. Het is immers meelevend om iemand te helpen die niet in staat is om om hulp te vragen, toch? Ze zullen je bedanken op de lange termijn, nietwaar?

Niemand vraagt waarom hun kind, of zus of vriend weigert zijn medicijnen in te nemen. Waarom moeite doen? Het is een ziekte. Het is zinloos. De dokters zeggen het zelf. Zij weten dit soort dingen. Heb je je ooit afgevraagd wat de logica is van de woorden: “Ze zou haar medicatie niet weigeren als ze niet ziek was.”?

Ik ben een onwillige psychiatrisch patiënt. Dat ben ik al jaren. Ik smeek u. Vraag waarom. Kijk in mijn ogen en zie me. Probeer te begrijpen wat mijn achtergrond is. Zelfs een gek persoon heeft een menselijke wil. Ik ben iemands zus, iemands kind en iemands vriendin. Ik zou de jouwe kunnen zijn.

Mij is meer keren dan ik kan tellen verteld dat ik het niet zou halen zonder medicatie. Mij is verteld dat ik een chemische onbalans heb. Mijn hersenen zijn stuk. Ik heb het nodig. Als ik weiger, komt het door de bijwerkingen. Die kunnen ze behandelen met meer medicatie. Als het dat niet is, komt het door een gebrek aan inzicht. Ik weet niet dat ik ziek ben.

Waarom zou ik mogelijk willen stoppen? Hoe kan ik dit wensen? Laat me u dit vragen; heeft u ooit deze medicijnen ingenomen? Ze noemen het anti-psychotica medicatie. Het klinkt goed genoeg maar wist u dat deze medicijnen ook wel de grootst mogelijke kalmerende middelen genoemd worden?

Ze spreken over bijwerkingen maar weet u hoe het voelt om ze te hebben? Kunt u het lezen op het etiket? Op mijn etiket? Wat? U heeft alles hierover geleerd tijdens uw medicijnstudie? Kun je leren wat het is om verliefd te zijn door het lezen van een medische beschrijving? Hartslag, neurotransmitters, gedragspatronen. Drie criteria van de vijf. Kan de menselijke ervaring in zulke simpele termen worden beschreven? Ik weet dat u denkt dat dat met uw ervaring niet kan. Waarom dringt u er dan op aan de mijne te beschrijven?

Ik weet hoe de grootst mogelijke kalmeringsmiddelen voelen. Ik moest wel. Ze veranderen een persoon. Het krachtigste van de menselijke ervaring vervaagt tot grijstinten. Het leven wordt saai, dof, lang. Creativiteit verdwijnt in het niets. De ware menselijke spirit wordt dof. Je kunt van de extase van het in leven zijn zelfs gaan tot het je afvragen of je er überhaupt nog wel bent.

Ze zullen je kalm maken. Ze zullen je je laten gedragen. Ze zullen je zelfs mogelijk helpen met je problemen maar ze kunnen ook datgene dempen wat er echt toe doet. Dat wat je levend maakt. Ze kalmeren voornamelijk. ‘Ze geeft de voorkeur aan haar manie –haar gekte- het is een symptoom van haar ziekte.’
Hoe kunt u zeggen wat belangrijk voor mij is? Is dat uw recht?

Vanwege die kapotte geest van mij moet ik opgesloten worden. Ik werd bedreigd. Ik werd vastgehouden. Ik heb geleden in de handen van een systeem waarvan mij verteld is dat deze mij helpt. En ze vragen zich af waarom ik ze niet vertrouw. Hoe zou ik kunnen aarzelen, zelfs bitter kunnen zijn? ‘Ze is paranoia. Ze wil haar medicijnen niet innemen.’

Ze kunnen gelijk hebben maar het enige dat ik ooit gewild heb, is mijn eigen keuzes maken. Ik heb alleen maar willen schreeuwen; “En wat over hoe ik me voel?!” Ik ben een niet-meegaande psychiatrische patiënt. Hoor mijn stem. Een kankerpatiënt kan chemotherapie weigeren. Een religieus persoon kan ervoor kiezen op God te vertrouwen in plaats van penicilline. Een dokter zou het allebei irrationeel noemen maar zich erbij neerleggen. Alles wat ik vraag, is hetzelfde recht.

‘Ze zal decompenseren zonder. Het is het enige ding dat haar zelfs enigszins geestelijk gezond kan houden.’
Ik ben twee keer gestopt met al mijn medicatie. Ik hoopte dat één keer genoeg zou zijn. De eerste keer faalde ik. Ik raakte de weg kwijt. Ze hadden gelijk; ik werd gek.  Ik werd sterk aangemoedigd mijn medicijnen in te nemen. Het was een gevecht waarvan ik wist dat ik het niet zou winnen. ‘Patiënt is meegaand – maar vijandig.’

Een façade van normaliteit werd herwonnen. Hoog functionerend. Werken, naar school gaan, een sociaal leven. Al die dingen waarvan je geacht wordt ze te doen. Alles zo hol. De vonk was verdwenen. ‘De medicatie is effectief.’ Maar de medicijnen voelden hetzelfde. Dus stopte ik opnieuw. Heel veel mensen doen dat. ‘Meewerken is een groot probleem in de behandeling van geestelijke ziekte.’

Mij is verteld dat ik voor altijd medicatie nodig zal hebben. De feiten spraken voor zich. Ik was geestelijk ziek. Zolang ik mijn medicijnen in nam, zou ik in orde zijn. Zonder, was ik gedoemd. Waarom wilde ik stoppen? Ik vertelde ze hoe het voelt maar het maakte niet uit. Ik vertelde ze dat ik zou herstellen door wilskracht. ‘Patiënt heeft grootheidswaanzin.’

Dus vertelde ik hen dat ik niet geloofde dat ik ziek was. ‘Patiënt heeft gebrek aan inzicht.’ In werkelijkheid was ik doodsbang. Ik geloofde dat ik gek was, ik had al eerder gefaald en ik was er niet zeker van dat ik het in mijn eentje voor elkaar zou krijgen. Want de feiten waren duidelijk. Niemand kon het.

Maar ik deed het. Later leerde ik dat velen het deden. Niemand praat over hen. John Nash slikte nooit meer medicijnen – het was de sleutel tot zijn herstel. Dat hebben ze uit de film ‘A Beautiful Mind’ gelaten. Er zijn vele anderen aan wie verteld wordt dat niemand herstelt– verteld dat ze voor altijd ziek zullen zijn – maar die bewezen dat men ongelijk had.

Ik ben een onwillige psychiatrisch patiënt, toch zou niemand proberen me vandaag de dag een pil te geven. Om daar te komen, moest ik goed medisch advies negeren. Ik moest weinig inzicht en een slecht oordeel hebben. Zonder dit, zou ik nooit bereikt hebben wat ik in het leven bereikt heb.

Dus, wanneer ik nu hoor over familieleden die zeker zouden moeten zorgen dat hun gezinsleden de medicijnen innemen of rechtbanken die het gedwongen zouden moeten hebben, denk ik bij mezelf aan dokters die geluisterd zouden moeten hebben. Ik denk vaak aan mensen die succesvol zouden zijn gestopt met hun medicatie als ze alleen maar de noodzakelijke ondersteuning hadden gehad in plaats van de verzekering van falen. Ik vraag me af hoeveel meer ik bij naam zou kunnen noemen.

Ik vraag me af waarom zo weinig mensen spreken over de rechtmatigheid om niet-gedrogeerd te worden.
Zelfs een gek persoon heeft een menselijke wil.

http://theicarusproject.net/advocacyrightspolitics/manifestoanoncompliantmentalpatient-aubreyellenshomo

Manifesto of a Noncompliant Mental Patient – Aubrey Ellen Shomo