Na 7 Jaar zelfstandig vrij van Lithium: een afkickverhaal

Na enkele dagen terug de afbouwervaringen te hebben geplaatst van Q, kan ik vandaag de ervaringen delen van Sharon die na 7 jaar op eigen kracht erin geslaagd is geleidelijk haar lithium af te bouwen tot nul en er zich opperbest bij voelt.

Graag plaats ik op deze site meerdere ervaringen van mensen die op verantwoorde wijze afbouwen met hun medicatie (verantwoord wil overigens niet zeggen met steun van aanhangers van het medische model!)

Hieronder de bijdrage van Sharon:

Het afgelopen jaar heb ik zeer voorzichtig mijn lithium gebruik afgebouwd. Ik wilde  niet over één nacht ijs gaan en las o.a. de boeken van Peter Breggin. Ik was me er goed van bewust dat –ook bij kleine stapjes-  de symptomen van de allereerste ‘psychose’ konden terugkeren. Ofwel dat dit ontwenningsverschijnselen konden zijn van het ruim 7 jaar medicijnen slikken die de chemie in de hersenen veranderen.

Uit video van Evanescence - Lithium (link)

Afgelopen april had ik mijn inname afgebouwd van 800mg tot 200mg. Ik werd langzaamaan extreem gevoelig. Alle indrukken kwamen heftiger binnen, ik werd emotioneler en had het gevoel alsof ik 20 koppen koffie gedronken had. Signalen die erop wezen dat ik inderdaad misschien afstevende op een ‘ontwenningspsychose’.

Ik was er niet bang voor; ik was vastbesloten hierdoor heen te komen zonder verdere medicatie. Uiteraard wilde ik me dit mijzelf en mijn naasten liever besparen dus hield ik mijn gemoedstoestand goed in de gaten.

Het gebeurde toch… Mijn familie, die gelukkig achter mijn beslissing had gestaan de lithium af te bouwen, hield (van afstand) ook een oogje op me. Ik was er heel stellig in dat ik NIET opgenomen wilde worden in de instelling waar ik de vorige drie keer (gedwongen) beland was.

Dit waren voor mij traumatische en vernederende ervaringen geweest waar ik niet gehoord werd en waar anti-psychotica de enige ‘remedie’ was. Mijn familie bracht mij echter toch naar deze bewuste instelling om een gedwongen opname te voorkomen zo werd mij later verteld.

Nu was ik daar dus ‘vrijwillig’. Ik bleek niet in staat de juiste antwoorden te geven op de vragen van de psychiater en er werd enorm veel druk op me uitgeoefend om daar meteen maar te blijven. (Eigenlijk had ik in feite geen keus,  paradoxaal genoeg.)

Deze laatste opname heb ik als een ultieme verschrikking ervaren. Ik had inmiddels de nodige ervaring met gedwongen opnames maar nog niet met de ‘vrijwillige’. Het was ontzettend verwarrend voor me. Ik was daar ‘vrijwillig’ maar de deuren gingen op slot; ik mocht niet naar buiten en ik mocht ook niet weg.

Iedere dag werd ik op dwingende wijze door de verpleegkundigen toegesproken. Men wilde dat ik temesta zou slikken en door een arts-assistent werd mij dringend aangeraden Risperdal in te nemen. Ik weigerde.

Toen na een week een verpleegkundige de deur voor mij opende zodat ik een rondje buiten mocht lopen, ben ik op de bus gestapt en naar huis gegaan. Ik bleef voornamelijk binnen en worstelde mezelf door mijn ‘psychose’ heen zonder extra medicatie behalve de 200mg lithium die ik was blijven slikken.

Drie keer kwam er een verpleegkundige bij mij thuis om te kijken hoe het met mij ging. Ik vond dit een aantasting van mijn privacy, onnodig en wilde dit helemaal niet. Hierin had ik volgens hen ook al geen keus.

Alles bij elkaar duurde de ‘episode’ ongeveer vier weken en benaderde deze de heftigheid van mijn eerste ervaring van ruim 7 jaar geleden.

Ik bleef vastbesloten de rest van mijn lithium ook (voorzichtig) af te bouwen en sinds ruim vier weken ben ik volledig medicijnvrij. Ik voel me nu prima en ben voornemens nooit meer psychiatrische ‘medicijnen’ in te nemen.

Mocht ik onverhoopt plotseling slecht slapen, houd ik wel wat slaappillen achter de hand. Voldoende rust –zeker in dit stadium- beschouw ik als zeer belangrijk.

Mijn ‘vrijwillige’ opname heeft er helaas behoorlijk ingehakt. De teleurstelling in mijn familie die tegen mijn wil toch weer contact opnam met de psychiatrie en ik voel woede ten opzichte van mijn ‘behandeling’.

Hoewel ik steeds vertelde dat ik mijn lithium aan het afbouwen was en het toch als bekend feit verondersteld mag worden dat daardoor de symptomen opnieuw op zouden kunnen treden, werd mij in de inrichting deze keer verteld dat ik waarschijnlijk leed aan paranoïde schizofrenie in plaats van een zgn. bipolaire stoornis. (Dit laatste etiket werd mij de eerder opgeplakt ook al had ik nooit last van depressies.)

Ik ben er nu zelfs nog meer van doordrongen dat de reguliere psychiatrie mij alleen maar van de regen in de drup heeft geholpen en ik hoop dat ik er nooit meer iets mee te maken hoef te hebben.

Het contact met mijn familie is nu (tijdelijk?) beschadigd geraakt en heeft een hoop andere zaken van vroeger bovengewoeld. Ik voel me beter en helderder zonder lithium en ben nu op zoek naar een therapeut die mij o.a. kan helpen sommige dingen uit het verleden een plek te geven.

In tegenstelling tot de zgn. ‘wetenschap’ van de psychiatrie, heb ik wel veel vertrouwen in de kundigheid van psychologie.

Uit onderstaand interview met een Amerikaanse psycholoog die cognitieve gedragstherapie toepast bij mensen met andere staten van bewustzijn, blijkt onder andere dat het wel degelijk mogelijk is succesvol mensen bij hun proces te ondersteunen.

Hij benadrukt overigens dat het belangrijk is vooral GEEN therapeut te kiezen die het biologische model van de psychiatrie aanhangt; deze mensen blijven immers hangen in de overtuiging dat je een aangeboren hersenafwijking hebt en dat ze dus weinig tot niks kunnen doen.

Ik hoop dat ook in Nederland therapeuten te vinden zijn zoals deze Ron Unger….

Ik ben me er van bewust dat ik er nog niet helemaal ben maar dat ik het ergste waarschijnlijk gehad heb en dat niets mijn verdere proces in de weg staat. Ik heb er alle vertrouwen in dat ik uiteindelijk een wijzer, spiritueler en meer liefdevol mens kan worden en hoop dat ik in de toekomst wellicht andere mensen kan helpen die worstelen met hun ‘diagnose’ en het afbouwen van hun medicijnen.

Advertenties

Ik had meer aan mede-patiënten dan aan Hulpverleners

In een brief van begin mei van Ruud (zie ook Psychose is voor mij geen Ziekte) kwam het idee naar voren dat hij tijdens de opname vaak meer steun en begrip heeft gehad van andere mensen die opgenomen waren dan van hulpverleners. Hij schreef:

ik heb  tijdens opvang het meest contact gehad met medebewoners die ook in de gaten hadden dat ze niet echt gehoord werden. Juist mensen die een psychose hebben gehad beseffen dat je als mens wel belangrijk bent.

Je bent geen ziekte maar iemand die fijngevoelig is voor deze wereld waarin allerlei mensen rondlopen die daar niet mee bezig zijn en alleen aan zichzelf denken.

Je hoort het wel vaker dat het lijkt alsof hulpverleners niet werkelijk geïnteresseerd zijn in de achtergronden van iemand die psychotisch is geworden. Wellicht is er geen tijd voor, wellicht wordt alles in werking gezet om de psychose weg te drukken, wellicht is het allemaal te link.

Voor reacties mail naar het mailadres rechts in de balk.